UTA-onderzoek vierdaagse werkweek

UTA-onderzoek | Vierdaagse werkweek, drie dagen vrij

UTA-onderzoek | Vierdaagse werkweek, drie dagen vrij

Een vierdaagse werkweek zou de stress die werknemers ervaren en burn-outklachten verminderen.

Dit blijkt uit een onderzoek dat heeft plaatsgevonden in het Verenigd Koninkrijk. Ook angst, vermoeidheid en slaapproblemen nemen af. De fysieke en mentale conditie verbeteren daarentegen juist.

Vierdaagse werkweek met fulltime salaris

Het afgelopen jaar hebben meerdere bedrijven meegewerkt aan een pilot waarbij de vierdaagse werkweek is getest. Hier werd onderzocht of je 100 procent van het werk kunt doen, in 80 procent van de tijd, maar wel tegen 100 procent van het salaris. De pilot was een succes: 92 procent van de 61 Britse bedrijven die aan het onderzoek meededen willen de vierdaagse werkweek doorzetten. De werknemers ervaren door de vierdaagse werkweek minder stress. Dit komt onder andere door een betere nachtrust, fysieke en geestelijke gezondheid, en kwaliteit van relaties. Daarnaast verbeterde de werk/ -privébalans aanzienlijk. Men kon een beter sociaal leven onderhouden en was beter in staat om de zorg voor kinderen en familie te combineren met het werk.  

Doordat men minder uren werkt, wordt men creatiever in het verbeteren van de productiviteit en flexibiliteit. Zo worden vergaderingen bijvoorbeeld korter, zodat er meer tijd overblijft om de werkzaamheden uit te voeren.  

Meer of minder werken

Momenteel zijn er al verschillende opties om minder uren te gaan werken. Als jij meer of minder uren wil gaan werken, kun je daarvoor een schriftelijk verzoek bij je werkgever indienen. Dit verzoek moet aan een aantal voorwaarden voldoen. Je werkgever mag dit verzoek alleen weigeren als hij daar een goede reden voor heeft. Dit volgt uit de Wet flexibel werken. Let wel, dit betekent dat ook je salaris mee verandert.  

Vierdaagse werkweek voor 55+

In de cao Bouw&Infra is een regeling opgenomen voor medewerkers van 55 jaar of ouder. Als je 55 jaar of ouder bent, kun je op verzoek vier dagen (gemiddeld 32) uur gaan werken. Je arbeidsovereenkomst blijft ongewijzigd. Dat betekent dat er geen gevolgen voor de opbouw van je pensioen, vakantietoeslag, aantal vakantiedagen, en (extra) roostervrije dagen zijn.  

De praktijk  

Afgelopen jaar hebben wij webinars georganiseerd om input op te halen voor het UTA-onderzoek. Hier stelden wij verschillende UTA-medewerkers de vraag of zij een vierdaagse werkweek zouden willen. Het grootste deel van de aanwezigen zou dit wel willen, maar heeft toch enkele bedenkingen. Een vierdaagse werkweek moet dan ook daadwerkelijk betekenen dat er maar vier dagen gewerkt wordt. Men is bang dat vijf dagen werk in vier dagen gepropt moet worden. Om een echte vierdaagse werkweek te bewerkstelligen, zijn er meer handjes nodig.   

Wil je op de hoogte gehouden worden over de uitkomsten van het UTA-onderzoek en het cao-traject? Klik hier om je aan te melden voor de nieuwsbrief.

UTA-onderzoek: blijf op de hoogte!

FNV UTA gebruikt de gegevens die u op dit formulier verstrekt om contact met u op te nemen en om updates en marketing aan te bieden. U kunt zich op elk moment afmelden door te klikken op de link in de voettekst van onze e-mails. ons privacybeleid

UTA-onderzoek: blijf op de hoogte!

FNV UTA gebruikt de gegevens die u op dit formulier verstrekt om contact met u op te nemen en om updates en marketing aan te bieden. U kunt zich op elk moment afmelden door te klikken op de link in de voettekst van onze e-mails. ons privacybeleid


UTA-onderzoek werkdruk

UTA-onderzoek | Deel jouw ervaringen rondom werkdruk

UTA-onderzoek | Deel jouw ervaringen rondom werkdruk

1 op de 3 Nederlanders meldt zich wel eens ziek door werkdruk gerelateerde klachten. Dat maakt het beroepsziekte nummer 1. In de bouw staat een burn-out op de tweede plek.  

In de cao Bouw & Infra 2023 staat er in het hoofdstuk over arbeidsomstandigheden en veiligheid in artikel 7.4 ‘Werkdruk UTA-werknemer’, dat wanneer een UTA’er dreigt uit te vallen of al uitgevallen is, hij of zij recht heeft op advies en begeleiding. Het cao-artikel meldt tevens dat de bedrijfstak daar een voorziening voor heeft getroffen, waar de werknemer kosteloos gebruik van kan maken. Dit is de voorziening ‘Werkdruk en Stress’. Voor meer informatie hierover neem je contact op met je bouwarts. Je kunt op de website van Volandis ook een stresstest doen.  

De praktijk

In Nederland groeit het percentage ziekteverzuim door psychische aandoeningen, zoals een burn-out en overspanning. De helft van de UTA-medewerkers geeft aan hoge tot zeer hoge werkdruk te ervaren. Laat in het UTA-onderzoek weten wat jouw ervaringen zijn, en welke mogelijkheden er zijn binnen jouw bedrijf om werkdruk te verminderen of te voorkomen. 

Standpunt FNV

Een (te) hoge werkdruk beïnvloedt de efficiëntie en effectiviteit van het werkproces nadelig. Het gevolg van werkdruk is dat er fouten gemaakt worden. Dit is voor zowel werknemer als werkgever vervelend, daarom moet de werkdruk zoveel mogelijk beperkt worden. Er zijn oplossingen voor dit probleem. Uit onderzoek van iValue Improvement blijkt bijvoorbeeld dat het delen van werk de beste oplossing is om een burn-out te voorkomen. Door de werkzaamheden en daarmee ook de verantwoordelijkheid te verdelen over meer dan één persoon, worden mensen ontlast. Het lijkt een open deur, maar nog niet eerder is deze conclusie door middel van wetenschappelijk onderzoek bewezen. Ook opleiding en begeleiding hebben een enorm positieve invloed op de mentale gesteldheid van medewerkers. Kortom; het werk moet anders georganiseerd worden 

Wil je op de hoogte gehouden worden over de uitkomsten van het UTA-onderzoek en het cao-traject? Klik hier om je aan te melden voor de nieuwsbrief.

UTA-onderzoek: blijf op de hoogte!

FNV UTA gebruikt de gegevens die u op dit formulier verstrekt om contact met u op te nemen en om updates en marketing aan te bieden. U kunt zich op elk moment afmelden door te klikken op de link in de voettekst van onze e-mails. ons privacybeleid

UTA-onderzoek: blijf op de hoogte!

FNV UTA gebruikt de gegevens die u op dit formulier verstrekt om contact met u op te nemen en om updates en marketing aan te bieden. U kunt zich op elk moment afmelden door te klikken op de link in de voettekst van onze e-mails. ons privacybeleid


Carina van der Bijl

Hestia: Carina van der Bijl

"De bouw is enorm dynamisch waardoor je altijd voor een nieuwe uitdaging staat. Geen dag is hetzelfde."

Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week is Carina van der Bijl onze Hestia.

Naam: Carina van der Bijl
Functie: Werkstudent in werkvoorbereiding en uitvoering
Leeftijd: 21 jaar
Woonplaats: Haaften
Opleiding: Associate Degree hbo Bouwkunde duaal
Lievelingsbouwjargon: "We gaan het gewoon doen!"

Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
"Op de middelbare school zat ik op de havo, daar kwam ik erachter dat dat voor mij op dat moment niet werkte. Ik ben toen naar mbo-opleidingen gaan kijken zodat ik meer praktijkgericht aan de slag kon. Al snel kwam ik bij de opleiding bouwkunde. De bouw was voor mij geen onbekende branche. Mijn vader heeft namelijk 26 jaar bij Dura Vermeer Materieel gewerkt als procesverantwoordelijke voor de kranen en liften op projecten. Als kind mocht ik wel eens mee met mijn vader naar de bouw en keek ik vanuit de keten hoe mijn vader buiten alles regelde dat de torenkranen daar kwamen te staan. Ergens is daar toen een passie ontstaan, waardoor ik uiteindelijk voor de bouw heb gekozen. Nu, vijf jaar na deze beslissing, heb ik geen spijt van mijn keuze, ik ben zelfs duaal aan het doorstuderen voor bouwkunde op het hbo!"

Hoe werd daarop gereageerd?
"Hartstikke positief, niemand keek er gek van op. Ik startte mijn mbo-opleiding met het idee om modelleur of architect te worden, maar na een eerste stage op de bouw merkte ik dat ik de bouwplaats veel mooier vond dan modelleren en tekenen. Een hele omschakeling dus haha, maar iedereen vindt het ook erg gaaf dat ik met mijn voeten in de klei sta en de jongens zal aansturen."

Wat maakt de bouw zo leuk?
"De nuchtere mentaliteit van ‘We gaan het gewoon doen!’. Het met elkaar als een team ervoor zorgen dat werkzaamheden op een bouwplaats vlot verlopen vind ik erg mooi. Ook werk je over het algemeen met mannen die lekker nuchter communiceren: duidelijke taal, dan weet je waar je aan toe bent. Daarnaast is de bouw ook enorm dynamisch, waardoor je altijd voor een nieuwe uitdaging staat. Geen dag is hetzelfde."

Wie in de bouw inspireert jou?
"Mijn vader is mijn grootste inspiratie om in de bouw te gaan werken. Maar op dit moment en ook tijdens mijn stages heb ik collega's leren kennen waar ik ontzettend veel van geleerd heb en gemotiveerder van ben geworden. Deze kennis en ervaringen neem ik mee en wil ik zo veel mogelijk zelf toepassen op projecten en een voorbeeld aan nemen. Zo heb ik door de jaren heen van andere uitvoerders geleerd dat het als uitvoerder belangrijk is goed te overleggen met de mensen op de werkvloer. Alleen dan kom je tot nieuwe inzichten en oplossingen!"

Wat vind je het allerleukst aan je werk?
"De communicatie met partners, klanten en collega's om een bouw goed te laten verlopen vind ik een mooie uitdaging in mijn werk. De teamspirit die het met zich meebrengt is ontzettend gaaf, met elkaar kom je namelijk verder! Het is erg mooi om te zien dat je een gebouw ziet groeien en een gebied ziet transformeren door deze samenwerking. Door efficiënter te leren werken met lean in combinatie met de nieuwste technieken, zoals het toepassen van BIM en VR-sessies, zie je dat tijdens de uitvoering steeds minder uitdagingen naar voren komen. Het is gaaf om te zien dat een project dan goed verloopt!"

Wat zijn je dromen voor de toekomst?
"Ik kijk er erg naar uit om na mijn hbo-studie uiteindelijk uitvoerder te worden en hopelijk ook mijn steentje mag bijdragen aan succesvolle projecten. Graag wil ik ook duurzaamheidsaspecten meenemen in mijn werk. Dit is een actueel onderwerp waar ook in de bouw genoeg op te verbeteren valt. En als we echt even verder dromen wellicht hoop ik dan, later na voldoende kennis en ervaring als uitvoerder opgedaan te hebben, door te stromen en de functie van hoofduitvoerder binnen de utiliteitsbouw te bekleden."

Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die een baan in de bouw overwegen?
"Gewoon doen! De bouw kan je soms afschrikken, doordat het een grote mannenwereld is, maar als je dit echt leuk vindt: ga er dan voor! Het maakt niet uit wat mensen daar dan van denken, pak die baan waar jij plezier uit haalt. O ja en wees gerust: inmiddels zijn er ook bouwjassen in een vrouwenmodel te verkrijgen bij aannemers zoals Dura Vermeer!"

 

Carina's allereerste bezoek op een bouwplaats in Spijkenisse - 2008

Overuren - UTA-onderzoek

UTA-onderzoek | Maak jij overuren en krijg je ze betaald?

UTA-onderzoek: maak jij overuren en krijg je ze betaald?

Soms moet je werken buiten de uren die je met je werkgever hebt afgesproken. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als het heel druk is of als je een collega moet vervangen. De werkgever moet hier een goede reden voor hebben. Wat zijn de afspraken voor UTA-medewerkers? 

Als je besluit om meer uren te werken dan in je contract staat en je werkgever dit niet van je gevraagd heeft, wordt dit niet altijd als overwerk gezien. Je werkgever hoeft deze uren niet te vergoeden. Daarom is het handig om hier afspraken over te maken met je werkgever. Vaak zijn over de uitbetaling van overuren afspraken vastgelegd in de cao, het bedrijfsreglement, of je arbeidsovereenkomst.  

Overwerk als UTA-medewerker in de bouw

Voor UTA’ers zijn er enkele afspraken gemaakt in de cao Bouw&Infra. Er is sprake van overwerk als je op een dag meer werkt dan volgens het rooster dat is vastgesteld volgens de cao. Verplichte extra uren uit het spaarurenmodel zijn geen overwerk. Uit de cao volgt ook dat in beginsel moet worden vermeden dat de UTA-werknemer structureel overwerkt. Structureel overwerk betekent dat je er regelmatig meer uren worden gewerkt dan de afgesproken contacturen. 

Structureel overwerken kan nadelige gevolgen hebben voor je gezondheid en welzijn. Het kan namelijk bijdragen aan het gevoel van stress en angst of leiden tot een depressie. Daarnaast kan het ervoor zorgen dat je slecht slaapt, vermoeid bent en een verminderde productiviteit en concentratie hebt. Laat daarom aan je werkgever weten dat je te veel werk in weinig uur moet doen. Mogelijk kan je werk anders ingedeeld worden.  

Als je als UTA-werknemer overwerk van aanmerkelijke omvang doet en dit gebeurt in opdracht van de werkgever, dan moet jouw werkgever jou laten weten hoe hij dit compenseert. Als je werkgever dit niet doet of als de compensatie per uur lager is dan het uursalaris, dan hebben werknemers met een functie tot en met niveau 3 ten minste recht op een uur vrije tijd of een uur salaris per uur overwerk. We adviseren je om altijd zelf bij te houden hoeveel uren je werkt en overwerkt. Als je deze uren niet betaald krijgt, kun je eens de overwerkcalculator gebruiken om te berekenen hoeveel geld je misloopt. 

De praktijk

Tijdens de webinars die wij hebben gehouden om input op te halen bij jullie voor het UTA-onderzoek stelden wij de vraag hoeveel overuren de aanwezige UTA’ers maken. Het werd duidelijk dat sommigen van jullie tot wel 10 overuren per week maken. Soms worden deze uren vergoed in tijd voor tijd, maar dan moeten deze uren wel zelf bijgehouden worden. Bij anderen wordt een verzoek tot uitbetaling alleen gehonoreerd als er vooraf is aangegeven dat er overuren gemaakt gaan worden.  

De deelnemers waren het er met zijn allen over eens dat er meer personeel moet komen om niet meer structureel over te moeten werken. Daarnaast werden ook andere oplossingen aangedragen, zoals het werk aantrekkelijker naken voor jongeren en het werk opsplitsen en verdelen over meerdere collega’s om de werkdruk te verdelen.  

Wil je op de hoogte gehouden worden over de uitkomsten van het UTA-onderzoek en het cao-traject? Klik hier om je aan te melden voor de nieuwsbrief.

UTA-onderzoek: blijf op de hoogte!

FNV UTA gebruikt de gegevens die u op dit formulier verstrekt om contact met u op te nemen en om updates en marketing aan te bieden. U kunt zich op elk moment afmelden door te klikken op de link in de voettekst van onze e-mails. ons privacybeleid

UTA-onderzoek: blijf op de hoogte!

FNV UTA gebruikt de gegevens die u op dit formulier verstrekt om contact met u op te nemen en om updates en marketing aan te bieden. U kunt zich op elk moment afmelden door te klikken op de link in de voettekst van onze e-mails. ons privacybeleid


5 mei

5 mei: Vrij op Bevrijdingsdag?

Op 5 mei vieren we in Nederland Bevrijdingsdag. Volgens de wet is Bevrijdingsdag een officiële nationale feestdag, maar is het ook een vrije dag? 

Dat 5 mei een nationale feestdag is betekend niet dat je automatisch ook vrij bent. Of dit wel of niet het geval is vind je terug in je cao of in je arbeidsovereenkomst. In artikel 3.4.1 van de cao Bouw & Infra, genaamd 'In de cao erkende feestdagen', staat dat de werknemer recht heeft op betaald verlof op nieuwjaarsdag, tweede paasdag, Koningsdag, Hemelvaartsdag, tweede pinksterdag, de beide kerstdagen, en eens in de vijf jaar op 5 mei (2025, 2030, enzovoort).

Dit jaar is Bevrijdingsdag dus geen doorbetaalde vrije dag.

In de cao erkende feestdagen

Verder staat er in de cao Bouw & Infra in het artikel over in de cao erkende feestdagen dat de werkgever over de eerder genoemde feestdagen het vast overeengekomen loon of het salaris betaalt. En werkt de werknemer op een cao erkende feestdag in ploegendienst? Dan geeft de werkgever hem/haar op een andere dag betaald verlof.

Bekijk hier de lijst van de officiële feestdagen in Nederland in 2020.


Dag van de Arbeid

1 mei: Dag van de Arbeid

Ieder jaar staat 1 mei wereldwijd in het teken van de Dag van de Arbeid. In Nederland is het (nog) geen vrije dag. Dat zou wel moeten!

Op 1 mei in 1890 gaan zowel in Europa als in de Verenigde Staten mensen massaal de straat op voor de achturige werkdag, betere arbeidsvoorwaarden, en het behoud van vrede.

Feestdag

In veel Europese landen is 1 mei een officiële, doorbetaalde feestdag. In Nederland is dat (nog) niet het geval. Dat komt deels omdat vroeger Koninginnedag op 30 april viel, en wij voornamelijk op kerkelijke feestdagen, zoals Pasen en kerst, vrij zijn. Een andere reden is dat de confrontaties tussen vakbonden en de overheid in ons land een stuk minder heftig waren dan in bijvoorbeeld Frankrijk of Spanje. Ons poldermodel heeft de scherpe randjes van de protesten gehaald, waardoor de Dag van de Arbeid in de loop der jaren eigenlijk meer naar de achtergrond is verdwenen.

Vieren én herdenken

In Nederland zou de Dag van de Arbeid ook een vrije dag moeten zijn. Niet alleen om de werknemers te vieren, maar ook om te herdenken, en onze internationale solidariteit te tonen. Zolang dat niet nationaal is geregeld, proberen vakbonden daar in de cao’s afspraken over te maken. Zo is bijvoorbeeld in de cao Schoonmaak wel afgesproken dat de werknemers vrij zijn op 1 mei.

De FNV heeft de organisatie voor de Dag van de Arbeid op zich genomen. Ook dit jaar wordt 1 mei groots gevierd in Amsterdam. Kom je ook? Klik hier voor meer informatie.


Hestia Margeet

Hestia: Margreet Schuurmans

"Ik merk dat vrouwen écht het verschil maken."

Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week is Margreet Schuurmans onze Hestia.

Naam: Margreet Schuurmans
Functie: Bewonersbegeleider bij renovatie projecten
Leeftijd: 56 jaar
Woonplaats: Utrecht
Opleiding:  HBO

Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
"Bij mij thuis werden onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd, dat was zo dichtbij. Toen merkte ik al van ‘hey, wordt hier wel meegedacht door vrouwen?’ Even later kwam de bewonersbegeleidster binnen lopen en ik realiseerde me al gauw dat dit is wat we nodig hebben. Ik merk nu ook dat vrouwen écht het verschil maken. Er wordt door vrouwen bijvoorbeeld meer gekeken naar het menselijk aspect. Door kleine, maar wel essentiële verschillen die vrouwen aanbrengen is de bouw net iets innovatiever."

Hoe werd daarop gereageerd?
"Wanneer je als vrouw in de bouw gaat werken krijgen details meer aandacht. Dit kan zowel positief als negatief worden ervaren. Zoals ik net al zei brengen vrouwen essentiële verschillen aan in de bouw, je komt dan met een vraagstukken die je anders wil dan eigenlijk de bedoeling is. Sommige kunnen dit ervaren als een belemmering omdat zij graag door willen. Dat is natuurlijk niet altijd het geval, vaak wordt er juist erg positief gereageerd."

Wat maakt de bouw zo leuk?
"Het verschil maken, je wilt wat betekenen voor zowel je team als mensen die aan dat gebouw gaan werken, maar met name voor de mensen die in het gebouw gaan wonen of werken. Ik vind dat wij vrouwen daar zeker verschil in maken."

Wie in de bouw inspireert jou?
"Ik heb niet specifiek een naam, maar ik heb enorm veel bewondering voor de bewoners zelf. Veel werk wordt gedaan in bewoonde staat. Ik heb veel respect voor mensen die het aangaat, wij komen bij wijze zomaar binnen stormen en zij moeten dan hun leven daar toch tijdelijk voor aanpassen. Ook voor mijn collega’s zoals de uitvoerders zijn in grote projecten veel uitdagingen. Zeker om alles goed en volgens planning te laten verlopen. De technische zaken en sociale aspecten moeten goed op elkaar zijn afgestemd."

Wat vind je het allerleukst aan je werk?
"Dat ik als vrouw echt verschil kan maken. Het eindresultaat is echt tastbaar. En je realiseert je bij het eindresultaat ook echt dat je van betekenis bent geweest en dat ook voor in de toekomst."

Wat zijn je dromen voor de toekomst?
"Die heb ik eigenlijk niet. Ik vind mijn werk heel leuk en haal enorm veel voldoening uit mijn werk. Ik leef nu eigenlijk al wel in mijn droom."

Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die een baan in de bouw overwegen?
"Weet dat je echt verschil kan maken, je kan iets tastbaars voor in de toekomst neerzetten! Hoe leuk is het dat je daaraan kan meebouwen."


Sophie Postma: "Duurzamer leven in een tiny house"

Op zo’n vijftien minuten loopafstand van het station in Hilversum vind je midden in een woonwijk vijf tiny houses op het terrein van VONK in de wijk. In een van deze tiny houses woont Sophie Postma (30). Wij spraken met Sophie over de bouw van haar avonturenhuisje en het leven in een tiny house.

Sophie Postma
Sophie Postma

Sophie droomde al jaren van wonen in een tiny house en was druk bezig deze droom te verwezenlijken. Ze dacht na over ontwerpen en indelingen, en is ze in het bestuur van een stichting getreden. Toen kwam alles in een stroomversnelling. Nog voordat ze een plekje voor haar tiny house had, kocht ze een onderstel. Sophie zegt lachend: “Ik dacht: ik ga er gewoon vol in en we zien het wel.”

Via via kwam ze in contact met VONK en kreeg ze een plekje op het terrein. Maar toen moest het hele huis nog gebouwd worden. Ongeveer vier maanden lang betaalde ze voor de grond, zonder dat er een huisje op stond. De vader van Sophie is timmerman en heeft een eigen bedrijf en werkplek. Hier heeft zij samen met haar vader in vijf maanden tijd een tiny house gebouwd.

Het bouwen van een tiny house

In het bouwbesluit staan nog weinig regels over tiny houses, dus het was lastig om te bepalen hoe het huisje gebouwd moest worden. Sophie heeft daarom veel YouTube video’s met haar vader gekeken, want het is wel echt anders bouwen dan een normaal huis. Bij het bouwen van een tiny house dien je in ieder geval rekening te houden met een maximum gewicht van 3500 kilo een maximale hoogte van vier meter als je de woning over de weg zou willen vervoeren. Volgens Sophie zit je daar zo aan, terwijl je denkt dat het best veel is.

Dit dwingt je om veel keuzes te maken. “Een eikenhouten vloer is natuurlijk ontzettend zwaar, dus dan moet je ergens anders weer op inleveren,” zegt Sophie. “Uiteindelijk is het huisje ook wel iets te zwaar geworden. Dat is wel één van de redenen dat we hem niet over de weg hebben getrokken, maar op een dieplader hebben laten vervoeren.”

Restricties en compromissen

Het bouwen aan een tiny house vraagt om veel pionieren en nadenken over mogelijkheden. “Omdat je onder viaducten door moet kunnen, mag de woning slechts 4 meter hoog zijn. Vanaf de trailer ben je al vijftig centimeter kwijt. Dan moet je het nog isoleren, moet je in de kamer kunnen staan, heb je een vide en nog meer isolatie. En dat allemaal binnen vier meter. Daarom heb ik gekozen voor isolatiemateriaal gemaakt van aardolie voor het dak en de vloer. Dat is iets compacter, waardoor ik wat extra centimeters heb kunnen winnen. Zo sluit ik compromissen met mijzelf.” Volgens Sophie is deze keuze te onderbouwen met de trias energetica, waarbij de eerste stap aangrijpt op het minimaliseren van energieverbruik en de derde stap pas inspeelt op het efficiënt gebruik van fossiele brandstoffen.

Ondanks de restricties, heeft Sophie gelukkig geen dingen hoeven laten. “Er komt wel nog een hele trappenkast in, dus dat betekent dat ik dat en de keuken er weer uit moet halen als ik zou verhuizen van plaats.” Het keukenblad is namelijk gemaakt van een oud tafelblad en pas geplaatst nadat het huis op zijn plek was gezet. Wel geeft Sophie aan dat ze achteraf andere keuzes gemaakt zou hebben. Je bouwt namelijk in lagen. In de onderste laag heeft Sophie gekozen voor een betonplexlaag van 18 millimeter. “Lekker stevig, maar ook heel zwaar. Dit had wel een stuk dunner gekund en is dus een beetje een verkeerde keuze geweest. In de badkamer hebben we ook licht beton gebruikt. Dit is zwaarder dan bijvoorbeeld PVC. Dit had ook anders gekund.”

Filosofie en duurzaamheid

Sophie vind het heel erg belangrijk om de filosofie achter het wonen in een tiny house te benoemen “Je ziet een tweesplitsing tussen mensen die fulltime in zo’n huis wonen en anderen die het meer zien als recreatie of als businessmodel. Voor mij is de filosofie om een stuk duurzamer te leven en een kleine ecologische voetafdruk achter te laten. Dat je een kleine paar vierkante meter hebt, waar jij precies de spullen en de benodigdheden hebt, en echt niet meer nodig hebt. Dat dwingt je ook om bepaalde keuzes te maken. Ik kan hier gewoon niet mijn hele leven opslaan, dat gaat gewoon niet. Ik heb wel echt moeten ontspullen. Nu sta ik in winkels en denk ik: ‘heb ik dit echt nodig of niet?’. Dan maak je andere keuzes, omdat je niet zo’n groot huis hebt.”

Vanuit deze filosofie is het ook belangrijk om duurzame materialen te kiezen. Soms zie je huisjes met heel veel kunststof. Sophie begrijpt dit wel, maar ze heeft zelf geprobeerd om veel na te denken over de materialen die ze gebruikt. De binnenste laag van haar huis is gemaakt van populierenmultiplex. Dit is een snelgroeiende houtsoort en licht geperst, waarbij gebruik wordt gemaakt van een lijm die minder schadelijke stoffen bevat. Daarnaast heeft ze nog andere duurzame keuzes gemaakt. De deurtjes van het toilet vond ze op straat, het aanrechtblad is een oud tafelblad, en haar poefje heeft ze opgehaald bij mensen uit de straat. Ook heeft ze een tweedehands schuifpui.

De schuifpui komt van een klant van haar vader en is echt de eyecatcher van het huis. Sophie over moment dat de schuifpui erin zat: “Ik schrok me te pletter, ik dacht die is veel te groot.” In eerste instantie wilde Sophie de pui als voordeur gebruiken. Toen bleek dat de deur alleen vanbinnen op slot gedaan kan worden. “Alle muren waren al gemaakt, maar toen konden we de pui dus niet als voordeur gebruiken. We hebben toen die andere deur last minute erin gemaakt. Uiteindelijk ben ik er heel blij mee, want het creëert heel veel ruimte, doorstroom van lucht en een vluchtroute. Het huisje voelt echt heel ruim door de grote schuifpui.”

Sophie heeft in het proces naar het wonen in een tiny house gesproken met een docent van de vakschool Nimento. Voor een van de opleidingen werden opdrachtgevers gezocht die later in een tiny house wilden wonen. De studenten zouden vervolgens voor deze opdrachtgevers een ontwerp maken. Uiteindelijk waren er 78 studenten die zich hadden ingeschreven en waren er 61 onderwerpen die beoordeeld konden worden. Sophie heeft hier veel inspiratie over bijvoorbeeld materiaalkeuzes en indeling uit gehaald.

Isolatie

Voor het isolatiemateriaal heeft Sophie gebruik gemaakt van isovlas en Gutex. Isovlas is een restproduct van de linnenindustrie en gutex is een houtvezelplaat, gemaakt van geperst hout van restproducten van de houtzagerij. “Door het kleine oppervlakte van een tiny house, heb je snel te maken met vochtvorming. Door isolatiematerialen te gebruiken die vocht kunnen doorlaten, kun je het huisje damp open bouwen waardoor het huisje als het ware ‘ademt’," zegt Sophie. "Het nadeel is wel dat daardoor de muren ontzettend dik zijn, omdat het materiaal een lagere isolatiewaarde heeft, vergeleken met isolatiematerialen van minerale oorsprong. Je hebt dus meer nodig om betere isolatie te maken.”

Sophie heeft zich goed verdiept in verschillende isolatiematerialen. “Ik las toen ook over métisse. Dat is gemaakt van verpulverde spijkerbroeken. Dat is ook isolatiemateriaal. Ik dacht dat dit erg duurzaam was, maar toen was ik vorige week op het grondstoffencongres en toen vertelde iemand dat het eigenlijk zonde is als je rechtstreeks van spijkerbroek naar laagwaardig isolatiemateriaal gaat. Je kunt ertussen nog veel meer stappen nemen, door er bijvoorbeeld eerst nog sokken van te maken. Zo leer ik ook nog steeds veel meer bij.”

Dit geldt ook voor zonnepanelen. “Ik heb hier uiteindelijk wel voor gekozen, ondanks het feit dat hiervoor grondstoffen gedolven moeten worden, is dit alsnog een duurzamere keuze en levert het netto meer CO2 besparing op.. Mijn buren hebben bijvoorbeeld voor alles elektrisch gekozen en niet zonnepanelen. Ik heb heel lang nagedacht over hoe ik de ruimte en water ga verwarmen. Mijn eerste gedachte was om dit op zonne-energie te doen. Maar ik heb uiteindelijk toch besloten om gebruik te maken van een gasgeiser. Dit was voor mij eigenlijk de enige betaalbare keuze.”

Terugblik en over het leven in een tiny house

Het nauw samenwerken met haar vader is haar verrassend goed bevallen. “Het gaafste vind ik dat ik het met mijn vader heb gebouwd. Toen het plekje bij VONK vrij kwam, zei ik: ‘pap, dit is hét moment. We moeten nu gaan bouwen, want er komt nu een plek vrij. We gaan hiervoor!’. Toen was hij all-in en heeft hij veel werk uitgesteld.” Sophie zegt in die periode heel veel liefde te hebben gevoeld. “De samenwerking ging verrassend goed. Hij heeft mij zoveel geleerd van zijn vak. Ik was er bleu in, want ik ben theoretisch opgeleid en hij is echt een vakman.”

Het was een hele bijzondere periode om aan haar huis te werken met haar vader, waarbij ze ook hulp heeft gekregen van haar moeder en zus. Dagelijks kwam er wel familie langs voor een kopje koffie of een borreltje na vijven. “Maar op het laatst, toen de druk op de ketel zat, en het af moest omdat er al een verhuisdatum gepland stond, liepen de spanningen soms wel hoog op. Toen is er wel eens ruzie geweest, maar dat hoort er denk ik wel bij.”

Momenteel woont Sophie zo’n zes maanden in haar tiny house in Hilversum. De dag voor het interview heeft ze net nieuwe buren gekregen. Sophie is betrokken geweest bij de keuze hierin.. “Het is heel sociaal. Ze kwamen gister aan en dan komt zelfs een buurman van de hoek die zijn hond aan het uitlaten was, de hele ochtend helpen om het huisje op zijn plaats te zetten. Het brengt veel broederschap.”

De omwonenden hebben echter niet altijd even enthousiast gereageerd. Toen er duidelijk werd dat er tiny houses georganiseerd zouden worden, is haar buurvrouw langs alle huizen gegaan om de omwonenden uit te nodigen voor een buurtavond. “Dit persoonlijke contact heeft echt geholpen, want buren reageren er nu heel positief op. Maar toch is er nog onduidelijkheid over wat het nu is. Soms krijg ik wel vragen over hoe het later voor mij zal zijn, als ik dan in een ‘echt’ huis woon. Maar voor mij is dit een echt huis. Dit is mijn huis. Het is een andere manier van denken.”

Toekomst

Dat het heel sociaal is, blijkt ook uit het feit dat toiletten, gereedschap, en de wasmachine gedeeld worden in het hoofdgebouw. “Al het gereedschap wat je nodig zou hebben ligt daar. Je mag dit gebruiken en dan schrijf je op wat je gebruikt hebt. Later vul je dit dan weer aan. Je staat dus echt stil bij wat je persoonlijk nodig hebt en wat je kunt delen met anderen wat je niet dagelijks nodig hebt.”

Helaas krijgt het terrein van VONK over een aantal maanden een andere bestemming. Dit betekent dat Sophie opzoek moet naar een nieuwe locatie om haar tiny house neer te zetten. “Het geeft wel stress, ik heb nog 8 maanden voordat ik hier weg moet en de plekken liggen echt niet voor het oprapen. Ik moet dus weer lobbyen bij gemeenten, aansluiten bij verenigingen of via via mensen leren kennen. Als een boer bijvoorbeeld zegt dat het op zijn terrein mag staan, moet je toch naar de gemeente met de vraag of je een permanente woning op dat terrein mag zetten. Hiervoor moet het bestemmingsplan gewijzigd worden, want het is niet slechts ter recreatie. Dat maakt het wel lastig om een plekje te vinden. Voordat je zon bestemmingswijziging hebt, ben je echt jaren verder. Er zijn stichtingen die lobbyen die er 5-6 jaar over doen voordat iets voor elkaar gekregen wordt.

In de toekomst wil Sophie ook een moestuin en composthoop. “De huidige maatschappij is zo gemakzuchtig. We kunnen alles zo veel beter gebruiken.” Toch ziet ze zich niet de rest van haar leven in een tiny house zitten. Samenwonen lijkt haar bijvoorbeeld wel een uitdaging. “Maar ik moet echt zien hoe het loopt.”

Tips voor mensen die ook in een tiny house willen wonen

Sophie heeft ook nog enkele tips voor mensen die ook overwegen om in een tiny house te gaan wonen. “Ik denk dat je via via wel echt op een plek gewezen moet worden. Marjolein Jonker is de pionier tiny houses. Zij was een van de eersten die in 2016 in een tiny house ging wonen. Zij heeft ook het platform tiny house NL opgezet. Je moet echt wel investeren in mensen om aan een plek te komen. Door bijvoorbeeld naar open dagen te gaan. Of een keer een nachtje in een tiny house te verblijven waardoor je weet wat mee en tegen valt. Ook moet je een lijstje maken van je wensen."

Sophie heeft ook een Instagram account (@avonturenhuisje) voor haar huisje aangemaakt. "Veel mensen die ik niet ken, zijn mij gaan volgen. Het wereldje is dan best wel klein. Inschrijven bij stichtingen en CPO’s kan ook helpen om aan een plekje te komen.”

Volgens Sophie kan een huis snel gebouwd zijn. Zeker als je deze laat bouwen. Een plekje vinden is het moeilijkst. “Je moet echt samen komen. Het gaat niet helpen als je het alleen doet. Het moet je droom zijn en er echt mee bezig zijn."


Digitalisering

Digitalisering | Investeer in vaardigheden van mensen

Meer woningen, digitalisering, de energietransitie, een duurzame gebouwde omgeving: om alle urgente ambities te realiseren is digitale (keten)samenwerking cruciaal. Vanuit FNV Bouwen & Wonen dragen we daar graag aan bij. 

https://youtu.be/ZbSSN0tYEj4

Kitty van den Hoven, bestuurder bij FNV Bouwen & Wonen: “De wereld om ons heen verandert, daardoor ontstaan ook nieuwe technieken en werkwijzen. Er is veel aandacht voor de technische innovatie, maar veel minder voor de sociale innovatie. Dit terwijl de veranderingen voor de mens/werknemers groot zijn. Er komen nieuwe functies, er verdwijnen functies en er veranderen functies. En als er aandacht is voor de sociale innovatie is deze vaak gericht op studenten/jonge werknemers, terwijl we alle werknemers hierin mee moeten nemen. Juist ook de huidige groep werknemers.”

Wat zie je gebeuren in de praktijk?

Kitty: “Iemand die nu 40 is, had tijdens zijn schooltijd nog nauwelijks ervaring met internet. Hij heeft ongetwijfeld bijgeleerd door het gebruik van zijn mobiele telefoon. Maar de diepere achtergronden - hoe werkt het, wanneer werkt iets wel en wanneer niet, hoe staat het met de digitale veiligheid? - kennen de meeste 35-ers niet. Dan heb je het wel over een grote groep die nog ruim 25 jaar moet werken. De meeste digitale bijscholing richt zich op werknemers met een hbo- of wo-opleiding. Maar dat zijn niet degenen die het werk op de bouwplaats doen.”

Wat is er nodig in de sector?

Kitty: “We moeten weten waar we nu staan, en waar we naar toe willen. We hebben een visie van bedrijven nodig op digitalisering en welke impact dat heeft op de organisatie en het werk. Ik zie hier een belangrijke rol weggelegd voor HR en de OR.”

Wat kunnen werkgevers doen?

Kitty: “Werkgevers moeten flink investeren in de kennis en vaardigheden van hun werknemers. De sector kan hier ondersteuning bieden door dit gezamenlijk op te pakken. Zo zorgen we samen voor goed opgeleid personeel en daarmee goed werk. Leren hoeft niet in de schoolbanken, maar kan ook gerealiseerd worden door bijvoorbeeld iemand stage laten lopen binnen het eigen bedrijf. Bedrijven moeten ruimte geven aan de werknemers om zich te kunnen ontwikkelen. Laat werknemers meedenken, meepraten, en ook meebeslissen. Dan zijn ze een stuk gemotiveerder om mee te gaan in alle ontwikkelingen. Wij pleiten voor een innovatieve organisatie waar technologische innovatie en sociale innovatie samengaan.”

Wat zie je gebeuren in de toekomst?

Kitty: “Opdrachtgevers gaan steeds meer eisen stellen, dus het is voor bedrijven eigenlijk onmogelijk om niet mee te gaan met deze ontwikkelingen. En ook, door sommige technologische ontwikkelingen neemt de fysieke belasting voor werknemers af. Dat is goed! Maar het mag niet gaan leiden tot een slechte kwaliteit van werk: veel van hetzelfde, eentonigheid, et cetera. Voor werknemers wordt het werk interessanter als ze meer vaardigheden hebben en daardoor breed inzetbaar zijn. Kortom zich kunnen blijven ontwikkelen. Niemand vindt saai werk leuk!”

Bedrijven en werknemers kunnen contact opnemen met FNV Bouwen & Wonen voor ondersteuning op het gebied van sociale innovatie via uta@fnv.nl.


Hestia Irene Jongens

Hestia: Irene Jongens

"Volg je hart, doe wat goed voelt, laat je nooit tegenhouden door anderen!"

Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week is Irene Jongens onze Hestia.

Naam: Irene JongensHestia Irene Jongens
Functie: Vestigingssecretaresse bij Van Wijnen Heerhugowaard
Leeftijd: 47 jaar
Woonplaats: Alkmaar
Opleiding: HBO
Bedrijfsjargon: "Samen bouwen aan een mooie toekomst!"

Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
"Ik kwam bij toeval in de bouwwereld terecht, na mijn opleiding SEPR-Toerisme, wilde ik voor een touroperator naar het buitenland, maar daar was op dat moment geen baan te vinden. Via een vriendin kwam ik bij een bouwbedrijf in Heiloo terecht. En sindsdien nooit meer weggegaan uit het bouwwereldje…."

Hoe werd daarop gereageerd?
"In eerste instantie natuurlijk vreemd want ik wilde tenslotte het Toerisme in? Maar toen er eenmaal duidelijk werd dat dit toch was wat ik wilde, kreeg ik alleen maar positieve berichten."

Wat maakt de bouw zo leuk?
"De mannenwereld! Al hoewel ik het toejuich dat er steeds meer vrouwen in de bouw komen. En natuurlijk de gave en mooie bouwprojecten die we met zijn allen hebben gerealiseerd."

Wie in de bouw inspireert jou?
"Mag het ook ‘heeft geïnspireerd’ zijn? Dat is mijn eerste werkgever geweest; de toenmalige directeur van Teerenstra Bouw. Inmiddels bestaat Teerenstra Bouw niet meer, maar ik heb veel van hem geleerd en de kneepjes van het vak van hem afgekeken. Hij heeft mij de juiste duwtjes in de rug gegeven, waar ik hem nu nog steeds dankbaar voor ben."

Wat vind je het allerleukst aan je werk?
"De afwisseling, het regelen en organiseren, het verbinden, de vrijheden binnen mijn functie, het contact met de collega’s zowel op kantoor als op de bouwplaatsen, het contact met zakenrelaties, de fijne werksfeer, en de collegialiteit. En dat alles met een dosis humor, we lachen heel wat af hier! Van Wijnen heeft overigens als een van de eerste bouwbedrijven een Top Employer-certificaat gekregen. Dat houdt in dat we veel aandacht hebben voor medewerkersgeluk, welzijn, en ontwikkeling van iedereen. Top toch?"

Wat zijn je dromen voor de toekomst?
"Ach, ik heb er nog zoveel! Maar zakelijk gezien zal ik bij Van Wijnen Heerhugowaard in de toekomst een meer coachende rol in willen nemen. Ik vind het mooi om met mijn jarenlange ervaring nieuwe collega’s wegwijs te maken binnen onze organisatie en ze op weg te helpen met allerlei uitdagingen die op hun pad komen."

Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die een baan in de bouw overwegen?
"Doen! De bouwwereld is inspirerend en interessant. Er komen steeds meer jonge meiden bij ons op de bouwprojecten werken, die vaak via school of een stage bij ons binnenkomen. Ga alle facetten ontdekken die de bouw te bieden heeft, zo weet je straks goed welke functie het beste bij jou past. En het belangrijkste: volg je hart, doe wat goed voelt, laat je nooit tegenhouden door anderen en zorg er voor dat je uitdaging blijft houden in je werk!"

Is er iets dat zelf graag wilt toevoegen?
"Ik vind het belangrijk dat we meer diversiteit krijgen in de bouw. Met de vele verschillende eigenschappen van mannelijke en vrouwelijke medewerkers creëren we een al sterker team. Meer vrouwen in de bouw zorgt voor andere inzichten en ideeën. Laten we dat combineren met de inzichten en ideeën van mannen en we zullen nog mooiere resultaten boeken!"