AOW na 45 jaar werken moet in de wet geregeld worden

Zo haal je met een zwaar beroep gezond je pensioen

Na 45 jaar stoppen met werken. Bij het stemmen door onze leden over het onderhandelingsresultaat voor de nieuwe cao Bouw & Infra werden in het reactieveld hierover behoorlijk wat opmerkingen gemaakt en vragen gesteld. En werd opnieuw duidelijk hoe belangrijk dit onderwerp is voor velen in de sector. Hoe wij de toekomst van het eerder stoppen met werken bij zware beroepen zien, lees je hier.

Eerder stoppen is recht voor iedereen

De zwaar werkregeling, daar zijn we blij mee. Maar wat we eigenlijk willen is dat de afspraken over eerder stoppen met werken niet worden gemaakt aan cao-tafels, maar dat het wettelijk geregeld wordt. Het moet niet afhankelijk zijn van de sector waarin je werkt of cao waaronder je valt of je wel of niet kunt stoppen met werken, maar een recht voor iedereen die aan de voorwaarden voldoet. Met wetgeving ben je niet afhankelijk van afspraken in jouw cao.

Centrale afspraken lastig volgens Koolmees

Minister Koolmees liet kort geleden in zijn pensioenbrief aan de Tweede Kamer weten dat het lastig wordt om centraal wettelijke afspraken te maken over eerder stoppen met werken voor mensen met zware beroepen. Zo zouden er bijvoorbeeld gegevens ontbreken, waardoor iemands arbeidsverleden niet altijd goed te achterhalen is. En dus of iemand in aanmerking komt om eerder te stoppen met werken.

FNV-bestuurder Hans Crombeen: "Er moet een regeling komen. Dat zijn we verplicht aan mensen in onder meer zware beroepen. We zijn met elkaar creatief genoeg om de uitdagingen te lijf te gaan."

Samen op zoek naar oplossingen

In zijn pensioenbrief constateert Koolmees dus dat er knelpunten zijn bij een 45-jaren regeling, maar hij geeft ook aan dat het nu tijd is voor open overleg zonder voorwaarden vooraf tussen bonden, werkgevers en het kabinet. FNV penningmeester Willem Noordman hierover: "Nu we weten wat de knelpunten zijn, kunnen we in gezamenlijk overleg op zoek gaan naar oplossingen."

'45 jaar werken is genoeg' regeling

De zwaar werkregeling is nu geregeld tot en met 2025. Daarna zou er wat ons betreft dus een ’45 jaar werken is genoeg’ regeling moeten zijn. We hebben dus tot 1 jan 2026 om te proberen om de opvolging van de huidige zwaar werkregeling per wet te regelen. Zo kunnen we er voor zorgen dat mensen met zware beroepen, waaronder UTA'ers, ook in de toekomst eerder kunnen stoppen met werken.

Eerder stoppen haalbaar volgens het EIB

Een paar jaar geleden deed het EIB (Economisch Instituut voor de Bouw) al onderzoek naar maximaal 45 jaar werken voor mensen in zware beroepen. Onderzocht werd wat dit Nederland zou kosten en wat de (on)mogelijkheden waren. De conclusie van het EIB was dat pensioen na 45 jaar werken, haalbaar is.


Waarom verhoging pensioenpremie en wat betekent dit voor jou?

In de cao Bouw & Infra is afgesproken dat de premie stijgt van 25 naar 26% van de pensioengrondslag. Dat is niet hetzelfde als van het loon. Van het loon is de stijging voor werknemers ongeveer 0,2% van het nettoloon. Je betaalt namelijk over de eerste € 14.544 van je jaarsalaris geen pensioenpremie. Dat is ongeveer gelijk aan het bedrag van een AOW uitkering. Over het deel van je salaris dat uitstijgt boven € 63.854 betaal je ook geen premie. Ook betaal je over de pensioenpremie geen belasting en sociale premies. Daardoor is 26% over de pensioengrondslag (gelukkig) niet hetzelfde is als 26% van je loon.

Waarom verhoging van de premie?

Een verhoging van de premie is noodzakelijk doordat BPF Bouw moet rekenen met andere economische verwachtingen. Met name de zeer lage rente speelt hierbij een belangrijke rol. Dat is geen keuze van BPF Bouw, maar wordt wettelijk voorgeschreven.

Verder heeft BPF Bouw een ‘lage premiedekkingsgraad’. Dat betekent dat je (ongeveer) per ingelegde € 0,65 aan pensioenrechten € 1,00 bijgeboekt krijgt. Dat lijkt uiteraard een goed ding en voor de actieve deelnemers aan het fonds is dat het ook. Maar het pensioenfondsbestuur moet kijken naar alle groepen in het fonds. En gepensioneerden hebben hier een (klein) nadeel aan. Het fonds kan er iets minder (snel) door indexeren.

Door de afspraken in het pensioenakkoord gaan we in 2026 over naar een nieuw pensioenstelsel. Op dat moment is er een veel directere relatie tussen de pensioenpremie en de pensioenrechten bijboeking. De premiedekkingsgraad zal dan niet meer zo bestaan als nu. Je krijgt dan voor een euro inleg ook een euro bijboeking terug. Er veranderen nog een paar andere zaken, waardoor je straks niet opeens keldert in je pensioenopbouw, maar daarvoor is het wel van belang dat de premie de komende jaren stijgt. De stap die we in 2022 maken is een goede eerste stap.

Pensioenopbouw

Welke premie nodig is om de huidige pensioenopbouw in stand te houden is nog niet precies bekend. Dat wordt definitief berekend in het laatste kwartaal van 2021.  Met de cijfers van maart 2021 zijn voorlopige berekeningen gemaakt. Op basis van die berekeningen wordt ingeschat dat de premie 3% zou moeten stijgen (van 25% naar 28%) om de pensioenopbouw gelijk te houden. Er is nu afgesproken dat de premie in 2022 niet verder stijgt dan 26%. Dat betekent dat daarom de opbouw verlaagd zal worden. Je bouwt nu per jaar 1,738% van je pensioengrondslag aan ouderdomspensioen op. Dat zal waarschijnlijk iets lager worden. Met de cijfers van maart 2021 is dat ongeveer 1,6 %.

Het verlagen van opbouw heeft voor mensen die dicht op hun pensioen zitten minder grote consequenties dan mensen die er verder vanaf zitten. Je al opgebouwde pensioen wordt hier namelijk niet door beïnvloed. Alleen je toekomstige opbouw. Zodra het kan zullen we ons weer inzetten voor het terugbrengen van het opbouwpercentage. Bijvoorbeeld: UTA-medewerker met een maandloon van € 3.310,-: € 39 minder ouderdomspensioen (per jaar, levenslang)

 


Lichter werk voor een uitvoerder op leeftijd? ‘Dit is gewoonweg onzin!’

Vorige maand zijn de onderhandelingen voor de cao Bouw & Infra 2021 gestart. Tijdens de Coronapandemie heeft de bouw heel verdienstelijk doorgewerkt. FNV had dan ook gerekend op een vlotte start van het cao overleg. Tevergeefs blijkt.

Werkgevers negeren al jaren de wensen van de UTA-medewerkers en vegen ook dit keer hun voorstellen van tafel. UTA wordt op bedrijfsniveau al in de watten gelegd. Dat maakt cao afspraken overbodig, aldus werkgevers. Zo is een zwaar werk regeling voor de UTA niet nodig, want binnen bedrijven is het gangbaar om een uitvoerder op leeftijd lichter werk te geven. FNV|UTA heeft deze bewering direct bij honderden uitvoerders gecheckt.

Verontwaardiging is groot

UTA-medewerkers willen een zwaar werkregeling. Vorig jaar is deze regeling voor bouwplaats-werknemers afgesproken. De verontwaardiging onder de UTA was groot, toen bleek dat zij waren uitgesloten van de regeling. UTA’ers hebben evengoed zwaar werk. De mentale belasting is hoog en wordt soms voorafgegaan door jarenlange fysieke belasting.

Het structurele tekort aan UTA-personeel, de krappe planningen, de toenemende verantwoordelijkheid voor veiligheid en kwaliteit, de talrijke onderaannemers en ZZP’ers, de vele administratieve vereisten, de communicatieproblemen met buitenlandse werknemers en de lange werkdagen, maken het werk zwaar. En niet alleen van de uitvoerder.

‘’Het hele werkplezier is weg en vervangen door veel spanningen’’

Een bedrijfsregeling: fictie of realiteit?

Tijdens het cao overleg hebben werkgevers aangegeven dat UTA-medewerkers, vooral uitvoerders, enkele jaren voor het pensioen lichter werk krijgen. Bedrijven voorzien in regelingen, zodat een uitvoerder het makkelijker volhoudt tot aan zijn pensioen.

FNV|UTA is bij uitvoerders nagegaan of zulke regelingen bekend zijn. En wat blijkt, de overgrote meerderheid heeft geen enkele herkenning bij deze bewering van werkgevers. Sterker nog, meestal lijkt het tegendeel waar. Ervaren uitvoerders worden juist ingezet op de zwaardere en moeilijkere projecten. En kleine projecten alleen draaiend houden, geeft net zo goed veel druk en stress. Je moet dan alles zelf doen, daar schiet je niets mee op, aldus verschillende uitvoerders. Een greep uit de reacties:

  • ’Hoe zou een werkgever dat moeten regelen als er al een structureel tekort is aan uitvoerders.’’
  • ‘’Werkgevers houden echt geen rekening met je leeftijd.’’
  • ‘’Binnen mijn bedrijf is het wel bespreekbaar, maar het kan niet.’’
  • ‘’Bij het bedrijf waar ik nu werk en de bedrijven waar ik heb gewerkt, heb ik hier nog nooit van gehoord.’’
  • ‘’Bij kleine aannemers hebben ze helemaal niet de luxe om te kunnen kiezen naar welk project hun UTA personeel ingezet wordt.’’
  • ‘’Wel kan ik zeggen dat mijn oudere collega’s niet lichtere projecten krijgen of een lichtere functie.’’
  • ‘’Ik heb dit nog niet meegemaakt (ik ben 63 jaar).’’

Herkenning komt sporadisch voor. Ook dan betreft het geen bedrijfsregeling, maar is op persoonlijk initiatief van de werknemer een regeling getroffen.

UTA laat zich niet uitsluiten

Via FNV|UTA ‘Het is ook mijn cao!’ hebben UTA-medewerkers massaal laten weten dat ze de houding van werkgevers onacceptabel vinden en de beweringen over goede bedrijfsafspraken onjuist. De reacties op de bewering dat uitvoerders op leeftijd lichter werk kunnen krijgen, wordt door een uitvoerder treffend samengevat; ‘Dat is gewoonweg onzin!’

Opvallend is dat meerdere werknemers zich afvragen of de werkgeversorganisaties wel beseffen dat veel van hun leden de keus niet hebben om oudere uitvoerders een minder zwaar project te geven.

‘’Wat ik al helemaal niet snap, is dat als ik aan mijn werkgever vraag hoe hij tegenover de zwaar werkregeling voor de uitvoerders staat hij zegt daar niet onwelwillend tegenover te staan. Dan vraag ik mij toch af wat voor mensen hem vertegenwoordigen bij de onderhandelingen.’’


UTA zwaar werkregeling | “De druk naar een oplevering toe is geestelijk zwaar“

De zwaar werkregeling in de cao Bouw & Infra geldt alleen voor bouwplaatsmedewerkers. Waarom eigenlijk? UTA'ers hebben ook te maken met zwaar werk, zo blijkt ook uit onderzoek van FNV | UTA. Tijdens de onderhandelingen voor een nieuwe cao Bouw & Infra komt dit onderwerp aan bod. In een reeks portretten leggen UTA-werknemers uit waarom ook zij recht hebben op de zwaar werkregeling. 

 

Naam:                                                 Cor van de Reep
Leeftijd:                                              63
Functie:                                              Uitvoerder
Ervaringsjaren in bouwsector:      48

 

Vroeger

“Het was vroeger lang niet altijd beter. Als ik met de huidige bouwsystemen zie hoe snel en efficiënt zo’n ruwbouw gaat, dan is dat een hele verbetering. Het verschil zit wel in de betrokkenheid met het werk. Door alle apart ingekochte disciplines is men alleen betrokken bij hun eigen ding. Zelfs in bedrijven met alleen maar ZZP’ers is er ook weinig interesse in het eigen werk en is het niveau vaak belabberd.

Er is nu grote behoefte aan controle, vooral over hoe het werk wordt uitgevoerd. Men wordt niet meer zoals vroeger binnen een bedrijf opgeleid naar een bepaald niveau; het niveau van wat het bedrijf wil uitstralen. Dit is wat het werk zwaarder maakt. Je weet niet wat collega’s doen. Dat was met eigen personeel wel anders. Dit gaf je meer rust omdat je wist op wat voor niveau er buiten gewerkt werd. Nu komen werknemers binnen, ze doen hun werk, en gaan dan snel naar de volgende klus. Als je dan gaat kijken blijkt het resultaat niet oké te zijn, maar de vogels zijn al gevlogen. Je moet echt alles direct controleren, waardoor je aan je eigen werk eigenlijk niet meer toekomt. Dan ben je ’s avonds bekaf en reageer je wel eens knorrig en geïrriteerd."

UTA werkweek

“Je bent als eerste op je werk om de keet en containers los te maken en je gaat als laatste weer weg na het afsluiten van de hekken. Natuurlijk werk je systematisch en gepland, maar vaak komt er van de planning die je voor je eigen werk in gedachten had weinig terecht. Er komen steeds meer storende factoren. De bouwbedrijven zelf hebben weinig tot geen eigen personeel rondlopen. De mensen om je heen zijn veelal onderaannemers die weer ZZP’ers inhuren om het werk uit te voeren. Er is weinig samenhang, de kwaliteit van de vakmensen is vaak belabberd. Er zijn veel vragen. Dat blijft in stand omdat veel van die ZZP’ers komen en gaan. Dat leidt tot meer vragen en meer uitleg moeten geven.”

Dit is zwaar werk

“Ik ben er voor mijn eigen wel uit. Ik heb mijn pensioen al aangevraagd en ik ga deze zomer met pensioen. Ik ben dan 64 jaar en 3 maanden. Ik trek het gewoon niet meer. Ik ga me aan steeds meer dingen irriteren. Ik heb zelf altijd gezegd ‘je moet met plezier naar je werk gaan en anders moet je wat anders zoeken’.

Ik heb altijd met plezier in de bouw gewerkt. Ik heb alles gedaan; kleinbouw, grootbouw, betonbouw, in de werkplaats machinale trappen maken en later, toen mijn rug het niet meer trok, de laatste 25 jaar als uitvoerder. Ik weet wat ik nu krijg, ik heb daar zelf een keuze in gemaakt, dan moet je niet zeuren.

Mijn rug is ook op. Ik heb mijn eigen nooit ontzien. Ik maak langere dagen als uitvoerder dan de jongens op de werkvloer en ook ik sta in weer en wind. Ik draag een hele verantwoordelijkheid op de bouwplaats met alle werkdruk erbij.”

Zwaar werkregeling. Ook voor UTA

“Als je zwaar werk alleen als fysiek ziet, hebben UTA’ers geen recht op de zwaar werkregeling. Maar zo staat het niet omschreven. De druk en psychische belasting waaronder je werkt als uitvoerder zijn enorm hoog. Planningen worden zwarte pistes. De druk naar een oplevering toe is geestelijk zwaar.

Voor mij heeft de zwaar werkregeling geen voordelen meer, maar ik gun het mijn collega-uitvoerders wel om minimaal gelijkwaardig te worden behandeld als de jongen op de werkvloer waar je altijd mee hebt gewerkt en in de keet koffie mee hebt gedronken. Waarom moeten wij alleen om het woordje ‘UTA’ anders worden behandeld?”

 

Lees hier alles over de cao-onderhandelingen Bouw & Infra 2021

Wil je ook meepraten over de zwaar werkregeling? Stuur ons een e-mail via deze link.


Enquête: Hoe denk jij over pensioenpremie?

In de onderhandelingen voor een nieuwe cao Bouw & Infra stellen de werkgevers een voorwaarde voor het maken van afspraken. Die voorwaarde is dat werkgevers zekerheid willen over de pensioenpremie voor 2022 en 2023: namelijk dat die niet verder mag stijgen. Wat onze houding moet zijn over deze voorwaarde leggen we aan jou voor.

Verdeling van pensioenpremie tussen werkgever en werknemer

De totale pensioenpremie bestaat uit een werkgeversdeel en een werknemersdeel. Als werknemer betaal je iets meer dan een derde van de totale premie. In 2019 was de totale premie 20,2%. In 2020 22,2%. En in 2021 steeg deze premie verder naar 25%. Dit was nodig om verschillende redenen, maar de lage rente was een belangrijke reden.

Wat stellen werkgevers nu precies voor?

De premie is nu 25% in totaal. Dat willen werkgevers ook in 2022 en 2023 zo houden. Dat betekent dat als de premie verder omhoog moet, bij een gelijkblijvende premie van 25%, de pensioenopbouw lager wordt. Je gaat dan dus minder pensioen opbouwen. Het pensioen dat je al op hebt gebouwd verandert niet! Een lagere pensioenopbouw heeft daardoor voor jonge mensen grotere gevolgen dan voor oudere mensen. Die hebben hun opbouw voor een belangrijk deel vaak al binnen.

Wat vind jij ervan?

We vragen je om de enquête te vullen. Het zijn maar een paar korte vragen die een paar minuten van je tijd kosten. We willen graag van onze leden weten welke houding we moeten aannemen over dit onderwerp.


zwaar werkregeling 1

UTA zwaar werkregeling | “Zwaar werk ten koste van werkplezier, creativiteit, werk-privébalans en effectiviteit”

De zwaar werkregeling in de cao Bouw & Infra geldt alleen voor bouwplaatsmedewerkers. Waarom eigenlijk? UTA'ers hebben ook te maken met zwaar werk, zo blijkt ook uit onderzoek van FNV | UTA. Tijdens de onderhandelingen voor een nieuwe cao Bouw & Infra komt dit onderwerp aan bod. In een reeks portretten leggen UTA-werknemers uit waarom ook zij recht hebben op de zwaar werkregeling. 

Naam: Anoniem
Leeftijd: 59
Functie: Adviseur bij een infra
Ervaringsjaren: 44

“Op 15-jarige leeftijd ging ik van school af. Ik heb toen de verkeerde keuze gemaakt door voor Mavo te kiezen in plaats van techniek. Ik ben toen vier jaar naar een bedrijf gegaan die bezig was met voorspantechnieken en voegovergangen. Daarna heb ik een poosje als onderhoudsmonteur van materieel bij een bouwbedrijf gewerkt. Begin jaren ’80 ben ik bij de Nederlandse Spoorwegen begonnen als Aspirant Vakmanwegonderhoud en daar doorgegroeid tot beheerder van een gebied. Door de privatisering van wegonderhoud ben ik bij één van de grote aannemers gekomen, als uitvoerder. Daarna ben ik bij dit bedrijf verder doorgegroeid Ik heb veel studies gevolgd om te komen tot wat ik nu doe, leren doen we nog constant.”

Vroeger

“Ik denk dat voor veel van mijn (oudere) collega’s geldt dat wij allemaal in de praktijk zijn begonnen. Ik zeg wel eens ‘met de bagger aan de poten’. Ook zijn we vaak op jongere leeftijd hier al mee begonnen. Niet zoals nu, waar veel van onze jongere collega’s langer doorstuderen en dus op latere leeftijd beginnen met werken. Deze collega’s missen dan ook vaak de praktijkervaring die wij hebben. Er is tenslotte echt een verschil tussen theorie en praktijk.

Vroeger was er toch meer scheiding tussen werk en privé. Ik denk dat de werkdruk toen minder aanvoelde als ‘druk’, dan nu. Er is alleen maar meer bijgekomen. Ook is er constant de druk om je te moeten verantwoorden. Ik vergelijk dit wel eens met ziekenhuis, er zijn te veel managers die zich bemoeien met jouw werk zonder kennis van zaken. Dit kost tijd, maar ook energie.”

UTA werkweek

“Voor Covid was ik rond 07:00 op kantoor of op projectbezoek. Dan was ik normaliter zo tussen 17:00 en 18:00 thuis. Nu ik thuis werk start ik pas rond half acht en ik stop meestal rond 18:00. Dan verwerk ik nog de bevindingen van de dag in rapportages of doe ik de voorbereiding voor de komende dagen. Het komt regelmatig voor dat ik in de avond nog documenten moet doorlezen voor de komende dagen, ook voor Covid. Ook het bezoeken van projecten in het weekend of in de nacht komen er nog bij. Dit betekendt dat ik soms lange weken maak, van zes of zeven dagen.”

Dit is zwaar werk

“Het is moeilijk te zeggen wat nu precies zwaar werk is. Voor mij zijn de lengte van de dagen en het continu bezig zijn met werk belastend. Het voelt als constant onder druk staan. Dit ga je wanneer je ouder wordt wel merken. E-mail en telefoontjes komen ook in de avond nog vaak. Voor mij en voor een heleboel collega’s is dit een part of the job.

“De invloed die ik van het werk ervaar is dat ik door constante druk niet meer tot rust kan komen. Hierdoor bestaat ook de kans dat de kwaliteit van het werk minder wordt. Vroeger, daar heb je dat woord weer, had je meer tijd om na te denken en te sparren met je collega’s. Je bent eigenlijk constant bezig met je werk. Je staat onder druk omdat je onvoldoende tijd hebt om iets te doen. Dat betekend dat wanneer je juist vrij zou moeten hebben, je bezig blijft met nadenken bijvoorbeeld over of je niet iets vergeten bent.

Mijn collega’s en ik lopen tegen meerdere dingen aan. Er zijn veel regeltjes en je moet veel verantwoording afleggen. Ik persoonlijk kan hier wel tegen, maar ik merk dat een aantal collega’s hier niet tegen kunnen. Je staat eigenlijk continu onder druk. Het aantal vergadermomenten is dan ook veel, maar het ‘doe-werk’ is gewoon hetzelfde gebleven.

Ik denk dat ik dit werk kan doen tot mijn pensionering. Ik vindt mijn werk leuk om te doen in de rol die ik nu kan uitvoeren, maar ik kom dan ook voor mijzelf op. Ik bescherm mijzelf. Dit komt ook door het leermoment dat ik heb gehad na mijn burn-out. Mijn leidinggevende komt gelukkig ook uit de praktijk en hij en ik proberen mijn jongere collega’s hierin te begeleiden en te coachen. Maar dit is bij andere collega’s zoals werkvoorbereiders, uitvoerders en projectleiders heel anders. Die krijgen geen begeleiding. Mijn ervaring probeer ik dan wel over te dragen aan deze groep medewerkers.”

Zwaar werkregeling. Ook voor UTA

“In de huidige zwaar werkregeling wordt zwaar werk echt beschreven als fysiek zwaar. Maar ik denk dat het continu onder druk moeten werken ook (geestelijk) zwaar is. Als de zwaar werkregeling ook voor UTA’ers van toepassing is, krijg ik de mogelijkheid om eerder tot rust te komen. Ik kan dan tijd besteden aan andere dingen in het leven, behalve werk.

De zwaar werkregeling alleen bij fysiek zwaar werk is niet afdoende. UTA-medewerkers hebben regelmatig te maken met hoge werkdruk. Een (te) hoge werkdruk is het probleem dat ontstaat als je (te) weinig tijd hebt om het gevraagde werk af te krijgen. Veel collega’s hebben het idee dat ze continu op de tenen moeten lopen om het gevraagde niveau te kunnen halen. Dat veroorzaakt spanning. Als de spanning te hoog oploopt gaat dit ten koste van je werkplezier, je creativiteit, je werk-privébalans en je effectiviteit. Dit is te merken in de gesprekken met collega’s die ouder zijn.

Ik denk dat een bouwplaatsmedewerker makkelijker te vervangen is dan een ervaren UTA-medewerker. Je ziet tenslotte nu een heleboel anderstaligen al het werk uitvoeren van bouwplaatsmedewerkers. Dat betekent ook vaak meer druk voor de UTA-medewerker, denk bijvoorbeeld aan de communicatie met deze groep. Ik hoor uitvoerders regelmatig zeggen: ‘ik kan het beter zelf doen’.

Ik denk ook dat bedrijven meer in moeten zetten op het coachen van jongere collega’s, door medewerkers met meer (praktijk)ervaring. Ik denk dat veel collega’s dit leuk vinden en dat geeft dan ook veel werkplezier in onze laatste jaren. Dit in plaats van oudere collega’s inzetten op projecten die onder druk staan.”

 

Lees hier alles over de cao-onderhandelingen Bouw & Infra 2021

Wil je ook meepraten over de zwaar werkregeling? Stuur ons een e-mail via deze link.


Oproep: wat is jouw beeld van de sector?

Half januari starten naar verwachting de onderhandelingen voor de cao Bouw&Infra 2021. Voorafgaand voeren we met werkgevers op 10 december een ‘verkennend gesprek’. Daarbij kijken we ook hoe de bouw er voor staat. Uiteraard bestuderen we allerlei onderzoeken en publicaties, maar we willen ook graag jouw beeld erbij betrekken. Papier is tenslotte geduldig.

  • Hoe gaat het bij jou in het bedrijf?
    Is er op het moment voldoende werk?
  • En als je naar de toekomst kijkt, zijn de verwachtingen dan goed of slecht, of eerder stabiel te noemen?
  • Heb je het rustig, druk of veel te druk?
    Zijn er voldoende collega’s om het werk te doen?
  • Worden er nog winsten geboekt of is aan alles binnen het bedrijf te merken dat het financieel moeilijk gaat?

Zomaar wat vragen waar we je graag over horen. Ook als je het niet weet, of je weet maar iets te melden over een paar vragen, dan horen we dat graag. Dat mag in een paar zinnen of in een heel boek. Heb je liever dat we je hierover bellen, mail dan je telefoonnummer.

De keuze is aan jou. Je reactie wordt altijd op prijs gesteld!

(Onderstaande informatie wordt niet gepubliceerd en wordt niet met derden gedeeld. Je kunt ons ook bereiken via uta@fnv.nl)

 


salaris

Wat wordt jouw nieuwe salaris vanaf 1 december?

Het salaris van UTA-medewerkers wordt structureel verhoogd met 2%, zoals afgesproken in de cao Bouw & Infra. Klik hier om de loontabellen van het afgelopen én komende jaar te downloaden.

In december wordt er een eenmalige uitkering van 350 euro bruto uitgekeerd aan degenen die werknemer waren op 29 juni 2020 onder de cao. Werk je als werknemer in deeltijd? Dan geldt een bedrag naar rato van de arbeidsduur.

Binnenkort beginnen de onderhandelingen over een nieuwe cao weer. Wil jij op de hoogte blijven van ontwikkelingen rondom jouw cao? Schrijf je dan in voor de UTA Nieuwsflits!


Cao-voorstellen Bouw & Infra 2021

De cao loopt eind dit jaar af en wij bereiden ons voor op nieuwe onderhandelingen. Tijdens de vorige cao-onderhandelingen heeft corona ons allemaal overvallen. Belangrijke voorstellen konden daardoor niet worden behandeld en zijn blijven staan voor de volgende cao ronde. Dat is nu. Hieronder vind je de hoofdpunten uit onze cao-voorstellen.

Op hoofdlijnen betreffen de voorstellen de volgende onderwerpen:

Loon, salaris en vergoedingen

De looneis voor 2021 wordt gesteld op 5%. De vergoedingen worden met een gelijk percentage verhoogd.

Eerder stoppen met werken (zwaar werk regeling)

FNV Bouw & Infra wil dat ook UTA-werknemers gebruik kunnen maken van de regeling eerder stoppen met werken.

Financieel advies voor werknemers

Cao-partijen gaan na welke mogelijkheden er bestaan om werknemers financieel te adviseren als zij eerder willen stoppen met werken. Op basis van de uitkomst wordt een route voor financieel advies opgezet en ingericht.

UTA-werknemers

Vanwege de steeds langere werkdagen stelt FNV Bouw & Infra voor om overuren en reisuren uit te betalen aan UTA-werknemers. Daarnaast stelt FNV Bouw & Infra voor om arbeidstijd, pauze en werkelijke reistijd te begrenzen op 12 uur per dag. Dit geldt al voor bouwplaats-werknemers.

Voor de werktijden van de UTA-werknemers zet FNV Bouw & Infra in op het recht op een vierdaagse werkweek, het recht op thuiswerken (tenzij er zwaarwegende bedrijfsbelangen zijn) en op het recht ‘om niet gestoord te worden’ in de vrije tijd. Met uitzondering van bereikbaarheidsdiensten tegen een bereikbaarheidsvergoeding.

Werkdruk UTA-werknemers

Er komt een vervolg op het traject beperken van werkdruk in bouwbedrijven. Naar aanleiding hiervan zal FNV Bouw & Infra aanvullende voorstellen doen.

Opleiding jongeren

FNV Bouw & Infra stelt voor dat jongeren die vier dagen werken en 1 dag naar school gaan deze schooldag ook betaald krijgen.

Arbeidsomstandigheden en veiligheid

FNV Bouw & Infra zet in op afspraken in de cao over extreem warme weersomstandigheden: geregeld moet zijn wat de grens is voor veilig werken (daarboven mag niet meer gewerkt worden) en welke maatregelen aan de orde zijn. Deze afspraken gelden voor bouwplaats- en UTA-werknemers op de bouwplaats.

Werknemers die werken met gespoten PUR kunnen periodiek een arbeidsgezondheidskundig onderzoek laten uitvoeren. De intrede-keuring wordt voor de PUR isoleerder verplicht.

Het opstellen van een duurzame inzetbaarheidsanalyse (DIA) en medisch onderzoek (PAGO) gebeurt tijdens werktijd. Deze tijd wordt doorbetaald door de werkgever.

Uitzendkrachten

Uitzendkrachten die structureel werk uitvoeren krijgen na 1 jaar een arbeidsovereenkomst aangeboden door de werkgever (verplichting). Daarnaast stelt FNV Bouw & Infra voor dat uitzendkrachten recht krijgen op het DI budget.

Kraanmachinisten

Een X aantal uren werkervaring met hijswerkzaamheden, onder begeleiding van een ervaren kraanmachinist, is verplicht voor het verkrijgen van een definitief TCVT bewijs.

Pensioenopbouw

De pensioenopbouw bij een verkort IVA traject (eerder uit dienst bij werkgever binnen tweede ziektejaar) wordt gerepareerd.

Gelijktrekken werkgeversbijdrage pensioenpremie

Het werkgeversdeel voor de premie voor de pensioenopbouw wordt gelijkgetrokken tussen UTA en bouwplaatspersoneel. Uitgangspunt is de bijdrage voor het bouwplaatspersoneel.

Verkeersregelaars op de bouwplaats

Bedrijven die zich in hoofdzaak bezig houden met het leveren van beroepsmatige verkeersregelaars en diensten rond bouwprojecten worden onder de werkingssfeer van de cao Bouw & Infra gebracht.

ZZP-ers

Voorstel is dat zelfstandigen die dezelfde of vergelijkbare werkzaamheden verrichten als werknemers tenminste een tarief ontvangen gelijk aan € 45 per uur.

Technologische ontwikkelingen (robotisering, digitalisering etc.)

FNV Bouw & Infra stelt voor om technologische en sociale innovaties in de sector te monitoren, waarbij het verbeteren van bedrijfsprocessen aantoonbaar is gekoppeld aan de zeggenschap en aan het verbeteren van het vakmanschap van werknemers. Aanpak, doel en werkwijze van het monitoren worden vastgelegd in een innovatieconvenant.

Medezeggenschap in bouwcombinaties

De medezeggenschapsorganen van de betrokken bedrijven in de bouwcombinatie vormen het vertegenwoordigend overleg in de combinatie.

Cao naleving

Cao toepassing en naleving is voor de gehele bedrijfstak van groot belang. De nalevingsprocedure in de cao moet op diverse punten worden aangepast om tot een effectievere procedure te komen. Resultaat moet zijn dat cao toepassing en naleving in de sector bouw beter is gewaarborgd.

Bouwplaats ID

De oorspronkelijke doelen van Bouwplaats ID zijn nog steeds aan de orde. De doelen van Bouwplaats ID zijn:

  • het tegengaan van illegale arbeid, sociale dumping en schijnconstructies;
  • inzichtelijk maken welke werknemers, uitzendkrachten en zzp-ers op de bouwplaats werken en voor wie ze werken;
  • inzichtelijk maken welke diploma’s en certificaten ze hebben;
  • naleving cao;
  • administratieve lastenverlichting.

Het is van belang dat het onderzoek naar de mogelijkheid van een wetgevend traject wordt uitgevoerd. CAO partijen spreken hun commitment uit voor dit onderzoek en zullen een actieve bijdrage leveren aan het onderzoek.

Opzegtermijn

Bij maandloners eindigt het arbeidscontract aan het eind van de maand. Bij weekloners geldt, dat tegen het einde van de week wordt opgezegd. De aanpassing hier kan zijn dat er wordt uitgegaan van een kalendermaand. Dit in overeenstemming met de werkwijze van het UWV.

BOUW & INFRA 2021: WAT VIND JIJ BELANGRIJK?
Download hier de flyer.


'Groot onderhoud' aan de cao

Een cao moet regelmatig worden aangepast. Niet alleen om er nieuwe cao-afspraken aan toe te voegen, maar ook om bestaande afspraken aan te passen aan veranderde wetgeving. In de cao gaat het om de rechten en plichten van de werknemer en de werkgever. Om te weten wat die rechten en plichten zijn, moet je ze kunnen vinden. De indeling van een cao moet dus logisch zijn. Maar die logica was door het jarenlang toevoegen en schrappen van cao-bepalingen enigszins verloren gegaan. En als je vindt wat je zoekt, moet je ook nog kunnen begrijpen wat er staat. Het taalgebruik was echter op veel punten verouderd en soms onnodig formeel. Daarom hebben cao-partijen besloten 'groot onderhoud' te plegen aan de structuur en tekst van de cao.

Je kunt hier de aangepaste cao bekijken, die nu ook interactief is.  Je kunt dus heel gemakkelijk door de onderwerpen klikken.