Webinar Anders Organiseren

Het webinar Anders Organiseren in de bouw laat zien dat organisaties maatregelen kunnen nemen die bedoeld zijn om productiviteit te verbeteren en om werkdruk te verminderen.

FNV Bouwen en Wonen ziet dat de werkdruk in de bouw al jaren oploopt. Het terugdringen van de werkdruk moet gezocht worden in andere organisatievormen. Dit vanuit de overweging dat de manier waarop het werk is georganiseerd de belangrijkste oorzaak is van werkdruk.

Hans Kommers van de ST Groep inventariseerde in opdracht van de FNV initiatieven van bouwbedrijven die zochten naar andere organisatievormen. In het webinar Anders Organiseren op 18 mei (van 16.00 uur tot 16.45 uur) verbindt hij theorie aan de praktijk van het anders organiseren. Er is beperkt plek, dus meld je aan via het aanmeldformulier onder de video.

Wil je meer weten? Bekijk hier de video waarin Hans Kommers toelichting geeft op het webinar.

https://www.youtube.com/watch?v=KTXvvoiqf8A

Meld je aan voor het webinar op 18 mei 2021!

Je gegevens worden ruim een jaar opgeslagen om je in de toekomst op de hoogte te houden van ons aanbod.

Pas als je akkoord gaat met deze voorwaarden kun je dit formulier verzenden.


Lichter werk voor een uitvoerder op leeftijd? ‘Dit is gewoonweg onzin!’

Vorige maand zijn de onderhandelingen voor de cao Bouw & Infra 2021 gestart. Tijdens de Coronapandemie heeft de bouw heel verdienstelijk doorgewerkt. FNV had dan ook gerekend op een vlotte start van het cao overleg. Tevergeefs blijkt.

Werkgevers negeren al jaren de wensen van de UTA-medewerkers en vegen ook dit keer hun voorstellen van tafel. UTA wordt op bedrijfsniveau al in de watten gelegd. Dat maakt cao afspraken overbodig, aldus werkgevers. Zo is een zwaar werk regeling voor de UTA niet nodig, want binnen bedrijven is het gangbaar om een uitvoerder op leeftijd lichter werk te geven. FNV|UTA heeft deze bewering direct bij honderden uitvoerders gecheckt.

Verontwaardiging is groot

UTA-medewerkers willen een zwaar werkregeling. Vorig jaar is deze regeling voor bouwplaats-werknemers afgesproken. De verontwaardiging onder de UTA was groot, toen bleek dat zij waren uitgesloten van de regeling. UTA’ers hebben evengoed zwaar werk. De mentale belasting is hoog en wordt soms voorafgegaan door jarenlange fysieke belasting.

Het structurele tekort aan UTA-personeel, de krappe planningen, de toenemende verantwoordelijkheid voor veiligheid en kwaliteit, de talrijke onderaannemers en ZZP’ers, de vele administratieve vereisten, de communicatieproblemen met buitenlandse werknemers en de lange werkdagen, maken het werk zwaar. En niet alleen van de uitvoerder.

‘’Het hele werkplezier is weg en vervangen door veel spanningen’’

Een bedrijfsregeling: fictie of realiteit?

Tijdens het cao overleg hebben werkgevers aangegeven dat UTA-medewerkers, vooral uitvoerders, enkele jaren voor het pensioen lichter werk krijgen. Bedrijven voorzien in regelingen, zodat een uitvoerder het makkelijker volhoudt tot aan zijn pensioen.

FNV|UTA is bij uitvoerders nagegaan of zulke regelingen bekend zijn. En wat blijkt, de overgrote meerderheid heeft geen enkele herkenning bij deze bewering van werkgevers. Sterker nog, meestal lijkt het tegendeel waar. Ervaren uitvoerders worden juist ingezet op de zwaardere en moeilijkere projecten. En kleine projecten alleen draaiend houden, geeft net zo goed veel druk en stress. Je moet dan alles zelf doen, daar schiet je niets mee op, aldus verschillende uitvoerders. Een greep uit de reacties:

  • ’Hoe zou een werkgever dat moeten regelen als er al een structureel tekort is aan uitvoerders.’’
  • ‘’Werkgevers houden echt geen rekening met je leeftijd.’’
  • ‘’Binnen mijn bedrijf is het wel bespreekbaar, maar het kan niet.’’
  • ‘’Bij het bedrijf waar ik nu werk en de bedrijven waar ik heb gewerkt, heb ik hier nog nooit van gehoord.’’
  • ‘’Bij kleine aannemers hebben ze helemaal niet de luxe om te kunnen kiezen naar welk project hun UTA personeel ingezet wordt.’’
  • ‘’Wel kan ik zeggen dat mijn oudere collega’s niet lichtere projecten krijgen of een lichtere functie.’’
  • ‘’Ik heb dit nog niet meegemaakt (ik ben 63 jaar).’’

Herkenning komt sporadisch voor. Ook dan betreft het geen bedrijfsregeling, maar is op persoonlijk initiatief van de werknemer een regeling getroffen.

UTA laat zich niet uitsluiten

Via FNV|UTA ‘Het is ook mijn cao!’ hebben UTA-medewerkers massaal laten weten dat ze de houding van werkgevers onacceptabel vinden en de beweringen over goede bedrijfsafspraken onjuist. De reacties op de bewering dat uitvoerders op leeftijd lichter werk kunnen krijgen, wordt door een uitvoerder treffend samengevat; ‘Dat is gewoonweg onzin!’

Opvallend is dat meerdere werknemers zich afvragen of de werkgeversorganisaties wel beseffen dat veel van hun leden de keus niet hebben om oudere uitvoerders een minder zwaar project te geven.

‘’Wat ik al helemaal niet snap, is dat als ik aan mijn werkgever vraag hoe hij tegenover de zwaar werkregeling voor de uitvoerders staat hij zegt daar niet onwelwillend tegenover te staan. Dan vraag ik mij toch af wat voor mensen hem vertegenwoordigen bij de onderhandelingen.’’


Hestia: Jessica Bruintjes

"Van stil zitten word ik helemaal gek. Op een dag zei ik: ‘Pa, ik wil op de kraan’"

Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt iedere week een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week is Jessica onze Hestia. Ze is naar eigen zeggen een echt meisjes-meisje en werkt sinds haar 18e als kraanmachinist.

Naam: Jessica Bruintjes
Leeftijd: 28
Woonplaats: Ridderkerk
Opleiding: HBO technische bedrijfskunde, Hijsbewijs, Groot rijbewijs, VCA
Beroep: Kraanmachinist
Lievelingsbouwjargon: "Geen idee, eigenlijk. De meeste uitspraken zijn het opschrijven niet waardig, haha."

 

Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
“Mijn ouders hebben een kraanwagenbedrijf, maar tot mijn achttiende dacht ik altijd dat ik eerder de media kant op zou gaan. Vrouwelijke collega’s waren er niet op de bouwplaats, die zaten op kantoor of deden de administratie. Dus ik heb altijd gezegd van ‘Ja, dag! Op kantoor zitten is niets voor mij.’ Ik wilde een hele andere kant op, want van stil zitten word ik helemaal gek.
Maar op een dag, en ik weet niet meer precies wanneer die omschakeling is gekomen, zei ik: ‘Pa, ik wil op de kraan’. Nou, mijn vader zei gelijk al dat dat niks voor mij zou zijn. Hij zei: ‘Loop maar een dagje mee, dan ben je zo genezen.’ Maar, nee. Ondanks dat het hartstikke koud was en ik ook best wel een koukleum ben, vond ik het echt heel erg leuk!
Er zijn weinig vrouwen die op de kraan werken, maar ik vind dat gewoon stoer. Plus, al die vrijheid. Dit is wat ik wilde gaan doen.”

Hoe werd daarop gereageerd?
“Ik heb daarna ook tegen mijn moeder gezegd dat ik bij hen wilde gaan werken, maar die zei dat ze niemand nodig had op kantoor. Dus toen zei ik: ‘Ik wil ook helemaal niet op kantoor! Ik wil op de kraan!’
Ik ben wel echt een meisjes-meisje, ik houd van make-up en mijn haar moet altijd gestijld of gekruld zijn. Dus mijn moeder keek me toch een beetje raar aan: ‘Dat is helemaal niets voor jou, dan sta je heel de dag in de modder. Maar als dit je leuk lijkt, dan moet je het doen!’
Ik vond het werk op de kraan zo’n enorme kick geven, dat ik binnen een half jaar al mijn papieren gehaald had. En zo was ik op mijn 18e kraanmachinist.”

Wat maakt de bouw zo leuk?
“Elke dag is anders en elke dag werk je weer met andere mensen, dat vind ik heel leuk. En je draagt ook een grote verantwoordelijkheid, want je gaat natuurlijk wel met zo’n grote machine op pad.”

Wat inspireert jou?
“Andere vrouwen in de bouw. Vrouwen die ook gewoon zeggen van: ‘ik doe mijn eigen ding en ik doe wat ik leuk vind.’ Vrouwen in de techniek, vrouwelijke schippers, vrouwelijke lassers, vrouwelijke vrachtwagenchauffeurs. Allemaal doen ze gewoon hun ding, wat ze leuk vinden, en laten zich niet leiden door wat de maatschappij daar mogelijk van vindt.”

Wie in de bouw inspireert jou?
“Mijn vader. Hij is een hele intelligente en creatieve man. Toen ik net begon in dit vak werkte ik heel veel met hem samen, dus hij heeft mij erg veel geleerd. Ook qua mens is hij heel anders dan ik. Ik was een verlegen en bescheiden meisje en hij weet goed hoe je met mensen om moet gaan, dus daar heeft hij me echt bij geholpen. Mijn vader weet precies hoe hij mensen om zijn vinger kan winden. Dat ik echt denk: ‘Dat zég je toch niet tegen een klant’. Maar iedereen vindt het nog leuk ook!”

Wat vind je het allerleukst aan je werk als kraanmachinist?
“Je hebt veel vrijheid. Je stapt ‘s ochtends in de kraan en aan het einde van de dag kom je er weer uit. Ik vind het ook gewoon echt een kick geven, dat je met zo’n grote machine en van dat grote materiaal in de weer bent.
Dus als er vrouwen zijn, of mannen natuurlijk, die nog twijfelen of kraanmachinist zijn wat voor hen is, zoek gewoon contact met mij! Want ik laat de kraan heel graag zien. Ik vind het hartstikke leuk om iemand mee te nemen naar de kraan en ze een beetje wegwijs te maken.”

Wat zijn je dromen voor de toekomst?
“Ik wil sowieso het kraanwagenbedrijf van mijn ouders overnemen. Dat is wel echt mijn droom geworden. Ik heb er zo’n enorme passie voor gekregen, het is gewoon echt mijn kindje. Maar ik ben ook wel een typje dat ik er misschien nog meer bij wil doen. Ik wil het bedrijf graag laten groeien, of misschien nog meer bedrijfjes erbij. Ik houd niet van stil zitten.
Daarnaast doe ik ook veel met video. Ik vind dat gewoon erg leuk om te doen, dat is dan toch een beetje die mediakant die ik in eerste instantie uit wilde gaan.
Ik ben op een gegeven moment video’s gaan posten en dat werd zo goed ontvangen, dat ze op kantoor zeiden van ‘Joh, ga er maar mee door. Je bent een goed visitekaartje voor het bedrijf!’. Dus dat is mijn hobby, eigenlijk. Voor mij is dat perfect, want zo kan ik de dingen die ik leuk vind combineren.”

Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die twijfelen de bouw in te gaan?
“Vergeleken met 10 jaar geleden, zie je sowieso dat er al veel meer vrouwen in de bouw zitten. Ik vind dat erg leuk, dat geeft ook een hele andere sfeer. Vrouwen zijn toch weer net anders en die staan er ook net iets anders in.
Ik vind gewoon: als iets je droom en je passie is, moet je het gewoon doen! Laat je niet tegenhouden door wat andere mensen misschien van je zouden vinden.”


Lunchworkshops Vrouwen in de Bouw | Uitstraling

Op donderdag 22 april en donderdag 20 mei kun je van 12:00 tot 13:00 uur twee leuke online lunchworkshops volgen waarin “Uitstraling” het centrale thema is. Wat straal je uit en wat wil je uitstralen? Leer jezelf en (in de tweede workshop) je stem beter kennen! Ontdek wat uitstraling betekent! Elke vrouw die in de Bouw werkt kan gratis deelnemen, zowel leden als niet-leden van FNV.

Kracht door uitstraling

Donderdag 22 april van 12:00 tot 13:00 uur

Leer van buiten uitstralen wie jij van binnen bent!

Bij de eerste ontmoeting kan niemand aan je zien dat je aardig, slim of getalenteerd bent. Toch word je binnen een paar seconden beoordeeld op de ‘buitenkant’. Merianka Melissen leert hoe je van buiten kunt uitstralen wie je van binnen bent. Koppel je innerlijk aan je uiterlijk! In deze tijd ben je namelijk zichtbaarder dan ooit en is jouw uitstraling altijd een perfect marketinginstrument. Ook online doet de eerste indruk ertoe en kun je non-verbale communicatie inzetten om jezelf te laten zien.

Stem je stem

Donderdag 20 mei van 12:00 tot 13:00 uur

Leer je stem kennen en gebruiken!

We denken niet vaak na over onze stem, het is wat het is. Toch? Carl Hoogvliet laat het tegendeel zien: je stem is juist een belangrijk instrument voor een dynamische presentatie of boeiend gesprek. Hoe kun je mensen aangehaakt houden? Ook online is het belangrijk om dynamisch te zijn, zodat het niet saai wordt. In deze workshop leer je je eigen stem beter kennen aan de hand van verschillende oefeningen. Word tijdens deze workshop verrast door je eigen stemgeluid!

 

Meld je aan voor de workshops!

Je gegevens worden ruim een jaar opgeslagen om je in de toekomst op de hoogte te houden van ons aanbod.

Pas als je akkoord gaat met deze voorwaarden kun je dit formulier verzenden.

 


UTA zwaar werkregeling | “De druk naar een oplevering toe is geestelijk zwaar“

De zwaar werkregeling in de cao Bouw & Infra geldt alleen voor bouwplaatsmedewerkers. Waarom eigenlijk? UTA'ers hebben ook te maken met zwaar werk, zo blijkt ook uit onderzoek van FNV | UTA. Tijdens de onderhandelingen voor een nieuwe cao Bouw & Infra komt dit onderwerp aan bod. In een reeks portretten leggen UTA-werknemers uit waarom ook zij recht hebben op de zwaar werkregeling. 

 

Naam:                                                 Cor van de Reep
Leeftijd:                                              63
Functie:                                              Uitvoerder
Ervaringsjaren in bouwsector:      48

 

Vroeger

“Het was vroeger lang niet altijd beter. Als ik met de huidige bouwsystemen zie hoe snel en efficiënt zo’n ruwbouw gaat, dan is dat een hele verbetering. Het verschil zit wel in de betrokkenheid met het werk. Door alle apart ingekochte disciplines is men alleen betrokken bij hun eigen ding. Zelfs in bedrijven met alleen maar ZZP’ers is er ook weinig interesse in het eigen werk en is het niveau vaak belabberd.

Er is nu grote behoefte aan controle, vooral over hoe het werk wordt uitgevoerd. Men wordt niet meer zoals vroeger binnen een bedrijf opgeleid naar een bepaald niveau; het niveau van wat het bedrijf wil uitstralen. Dit is wat het werk zwaarder maakt. Je weet niet wat collega’s doen. Dat was met eigen personeel wel anders. Dit gaf je meer rust omdat je wist op wat voor niveau er buiten gewerkt werd. Nu komen werknemers binnen, ze doen hun werk, en gaan dan snel naar de volgende klus. Als je dan gaat kijken blijkt het resultaat niet oké te zijn, maar de vogels zijn al gevlogen. Je moet echt alles direct controleren, waardoor je aan je eigen werk eigenlijk niet meer toekomt. Dan ben je ’s avonds bekaf en reageer je wel eens knorrig en geïrriteerd."

UTA werkweek

“Je bent als eerste op je werk om de keet en containers los te maken en je gaat als laatste weer weg na het afsluiten van de hekken. Natuurlijk werk je systematisch en gepland, maar vaak komt er van de planning die je voor je eigen werk in gedachten had weinig terecht. Er komen steeds meer storende factoren. De bouwbedrijven zelf hebben weinig tot geen eigen personeel rondlopen. De mensen om je heen zijn veelal onderaannemers die weer ZZP’ers inhuren om het werk uit te voeren. Er is weinig samenhang, de kwaliteit van de vakmensen is vaak belabberd. Er zijn veel vragen. Dat blijft in stand omdat veel van die ZZP’ers komen en gaan. Dat leidt tot meer vragen en meer uitleg moeten geven.”

Dit is zwaar werk

“Ik ben er voor mijn eigen wel uit. Ik heb mijn pensioen al aangevraagd en ik ga deze zomer met pensioen. Ik ben dan 64 jaar en 3 maanden. Ik trek het gewoon niet meer. Ik ga me aan steeds meer dingen irriteren. Ik heb zelf altijd gezegd ‘je moet met plezier naar je werk gaan en anders moet je wat anders zoeken’.

Ik heb altijd met plezier in de bouw gewerkt. Ik heb alles gedaan; kleinbouw, grootbouw, betonbouw, in de werkplaats machinale trappen maken en later, toen mijn rug het niet meer trok, de laatste 25 jaar als uitvoerder. Ik weet wat ik nu krijg, ik heb daar zelf een keuze in gemaakt, dan moet je niet zeuren.

Mijn rug is ook op. Ik heb mijn eigen nooit ontzien. Ik maak langere dagen als uitvoerder dan de jongens op de werkvloer en ook ik sta in weer en wind. Ik draag een hele verantwoordelijkheid op de bouwplaats met alle werkdruk erbij.”

Zwaar werkregeling. Ook voor UTA

“Als je zwaar werk alleen als fysiek ziet, hebben UTA’ers geen recht op de zwaar werkregeling. Maar zo staat het niet omschreven. De druk en psychische belasting waaronder je werkt als uitvoerder zijn enorm hoog. Planningen worden zwarte pistes. De druk naar een oplevering toe is geestelijk zwaar.

Voor mij heeft de zwaar werkregeling geen voordelen meer, maar ik gun het mijn collega-uitvoerders wel om minimaal gelijkwaardig te worden behandeld als de jongen op de werkvloer waar je altijd mee hebt gewerkt en in de keet koffie mee hebt gedronken. Waarom moeten wij alleen om het woordje ‘UTA’ anders worden behandeld?”

 

Lees hier alles over de cao-onderhandelingen Bouw & Infra 2021

Wil je ook meepraten over de zwaar werkregeling? Stuur ons een e-mail via deze link.


Oproep aan uitvoerders: lichtere projecten vlak voor pensioen?

Werkgeversorganisaties vinden de zwaar werkregeling voor UTA niet nodig. Uitvoerders krijgen volgens hen de mogelijkheid om in de laatste fase voor hun pensioen minder zware projecten te draaien. Wij zijn benieuwd of dit klopt.

  • Krijgen jij en/of je collega’s in de laatste fase voor het pensioen de mogelijkheid om minder zware projecten te draaien?
  • Zo ja, vanaf wanneer krijgen jullie die mogelijkheid?
  • Maakt het dan ook een groot verschil, kun je het hierdoor makkelijker volhouden tot aan je pensioen?

Wij zouden het heel fijn vinden als jullie ons hier meer over kunnen vertellen. Wij kunnen dit meenemen tijdens de onderhandelingen en ons verhaal hiermee richting de werkgeversorganisaties sterker maken. Dit gebeurt uiteraard helemaal anoniem en we gaan vertrouwelijk om met je gegevens.

 

Je gegevens worden ruim een jaar opgeslagen om je in de toekomst op de hoogte te houden van ons aanbod.

Pas als je akkoord gaat met deze voorwaarden kun je dit formulier verzenden.


zwaar werkregeling 1

UTA zwaar werkregeling | “Zwaar werk ten koste van werkplezier, creativiteit, werk-privébalans en effectiviteit”

De zwaar werkregeling in de cao Bouw & Infra geldt alleen voor bouwplaatsmedewerkers. Waarom eigenlijk? UTA'ers hebben ook te maken met zwaar werk, zo blijkt ook uit onderzoek van FNV | UTA. Tijdens de onderhandelingen voor een nieuwe cao Bouw & Infra komt dit onderwerp aan bod. In een reeks portretten leggen UTA-werknemers uit waarom ook zij recht hebben op de zwaar werkregeling. 

Naam: Anoniem
Leeftijd: 59
Functie: Adviseur bij een infra
Ervaringsjaren: 44

“Op 15-jarige leeftijd ging ik van school af. Ik heb toen de verkeerde keuze gemaakt door voor Mavo te kiezen in plaats van techniek. Ik ben toen vier jaar naar een bedrijf gegaan die bezig was met voorspantechnieken en voegovergangen. Daarna heb ik een poosje als onderhoudsmonteur van materieel bij een bouwbedrijf gewerkt. Begin jaren ’80 ben ik bij de Nederlandse Spoorwegen begonnen als Aspirant Vakmanwegonderhoud en daar doorgegroeid tot beheerder van een gebied. Door de privatisering van wegonderhoud ben ik bij één van de grote aannemers gekomen, als uitvoerder. Daarna ben ik bij dit bedrijf verder doorgegroeid Ik heb veel studies gevolgd om te komen tot wat ik nu doe, leren doen we nog constant.”

Vroeger

“Ik denk dat voor veel van mijn (oudere) collega’s geldt dat wij allemaal in de praktijk zijn begonnen. Ik zeg wel eens ‘met de bagger aan de poten’. Ook zijn we vaak op jongere leeftijd hier al mee begonnen. Niet zoals nu, waar veel van onze jongere collega’s langer doorstuderen en dus op latere leeftijd beginnen met werken. Deze collega’s missen dan ook vaak de praktijkervaring die wij hebben. Er is tenslotte echt een verschil tussen theorie en praktijk.

Vroeger was er toch meer scheiding tussen werk en privé. Ik denk dat de werkdruk toen minder aanvoelde als ‘druk’, dan nu. Er is alleen maar meer bijgekomen. Ook is er constant de druk om je te moeten verantwoorden. Ik vergelijk dit wel eens met ziekenhuis, er zijn te veel managers die zich bemoeien met jouw werk zonder kennis van zaken. Dit kost tijd, maar ook energie.”

UTA werkweek

“Voor Covid was ik rond 07:00 op kantoor of op projectbezoek. Dan was ik normaliter zo tussen 17:00 en 18:00 thuis. Nu ik thuis werk start ik pas rond half acht en ik stop meestal rond 18:00. Dan verwerk ik nog de bevindingen van de dag in rapportages of doe ik de voorbereiding voor de komende dagen. Het komt regelmatig voor dat ik in de avond nog documenten moet doorlezen voor de komende dagen, ook voor Covid. Ook het bezoeken van projecten in het weekend of in de nacht komen er nog bij. Dit betekendt dat ik soms lange weken maak, van zes of zeven dagen.”

Dit is zwaar werk

“Het is moeilijk te zeggen wat nu precies zwaar werk is. Voor mij zijn de lengte van de dagen en het continu bezig zijn met werk belastend. Het voelt als constant onder druk staan. Dit ga je wanneer je ouder wordt wel merken. E-mail en telefoontjes komen ook in de avond nog vaak. Voor mij en voor een heleboel collega’s is dit een part of the job.

“De invloed die ik van het werk ervaar is dat ik door constante druk niet meer tot rust kan komen. Hierdoor bestaat ook de kans dat de kwaliteit van het werk minder wordt. Vroeger, daar heb je dat woord weer, had je meer tijd om na te denken en te sparren met je collega’s. Je bent eigenlijk constant bezig met je werk. Je staat onder druk omdat je onvoldoende tijd hebt om iets te doen. Dat betekend dat wanneer je juist vrij zou moeten hebben, je bezig blijft met nadenken bijvoorbeeld over of je niet iets vergeten bent.

Mijn collega’s en ik lopen tegen meerdere dingen aan. Er zijn veel regeltjes en je moet veel verantwoording afleggen. Ik persoonlijk kan hier wel tegen, maar ik merk dat een aantal collega’s hier niet tegen kunnen. Je staat eigenlijk continu onder druk. Het aantal vergadermomenten is dan ook veel, maar het ‘doe-werk’ is gewoon hetzelfde gebleven.

Ik denk dat ik dit werk kan doen tot mijn pensionering. Ik vindt mijn werk leuk om te doen in de rol die ik nu kan uitvoeren, maar ik kom dan ook voor mijzelf op. Ik bescherm mijzelf. Dit komt ook door het leermoment dat ik heb gehad na mijn burn-out. Mijn leidinggevende komt gelukkig ook uit de praktijk en hij en ik proberen mijn jongere collega’s hierin te begeleiden en te coachen. Maar dit is bij andere collega’s zoals werkvoorbereiders, uitvoerders en projectleiders heel anders. Die krijgen geen begeleiding. Mijn ervaring probeer ik dan wel over te dragen aan deze groep medewerkers.”

Zwaar werkregeling. Ook voor UTA

“In de huidige zwaar werkregeling wordt zwaar werk echt beschreven als fysiek zwaar. Maar ik denk dat het continu onder druk moeten werken ook (geestelijk) zwaar is. Als de zwaar werkregeling ook voor UTA’ers van toepassing is, krijg ik de mogelijkheid om eerder tot rust te komen. Ik kan dan tijd besteden aan andere dingen in het leven, behalve werk.

De zwaar werkregeling alleen bij fysiek zwaar werk is niet afdoende. UTA-medewerkers hebben regelmatig te maken met hoge werkdruk. Een (te) hoge werkdruk is het probleem dat ontstaat als je (te) weinig tijd hebt om het gevraagde werk af te krijgen. Veel collega’s hebben het idee dat ze continu op de tenen moeten lopen om het gevraagde niveau te kunnen halen. Dat veroorzaakt spanning. Als de spanning te hoog oploopt gaat dit ten koste van je werkplezier, je creativiteit, je werk-privébalans en je effectiviteit. Dit is te merken in de gesprekken met collega’s die ouder zijn.

Ik denk dat een bouwplaatsmedewerker makkelijker te vervangen is dan een ervaren UTA-medewerker. Je ziet tenslotte nu een heleboel anderstaligen al het werk uitvoeren van bouwplaatsmedewerkers. Dat betekent ook vaak meer druk voor de UTA-medewerker, denk bijvoorbeeld aan de communicatie met deze groep. Ik hoor uitvoerders regelmatig zeggen: ‘ik kan het beter zelf doen’.

Ik denk ook dat bedrijven meer in moeten zetten op het coachen van jongere collega’s, door medewerkers met meer (praktijk)ervaring. Ik denk dat veel collega’s dit leuk vinden en dat geeft dan ook veel werkplezier in onze laatste jaren. Dit in plaats van oudere collega’s inzetten op projecten die onder druk staan.”

 

Lees hier alles over de cao-onderhandelingen Bouw & Infra 2021

Wil je ook meepraten over de zwaar werkregeling? Stuur ons een e-mail via deze link.


goed werkgeverschap

Thuiswerken: Goed werkgeverschap door afspraken, faciliteiten en voorlichting

Vorige maand deed FNV|UTA onderzoek naar de ervaringen en verwachtingen rondom thuis werken tijdens en na Corona. In dit artikel nemen we de resultaten verder onder de loep en gaan we dieper op het thuiswerken in. Wat zijn volgens UTA werknemers voorwaarden om thuiswerken goed en naar tevredenheid te laten verlopen? In het kort: Thuiswerken is ook in de bouw niet meer weg te denken. Goede afspraken over de voorwaarden zijn nodig, zodat thuiswerken niet onder doet voor werken op kantoor.

Veranderde werkomstandigheden

Al ruim een jaar werken de meeste mensen thuis. Het werkende leven is daarmee totaal veranderd. De verwachting is dat na de coronacrisis er meer wordt thuisgewerkt dan voorheen. Verschillende onderzoeken zoals die van het CPB (2021) bevestigen dat ook. Voorheen werd er gemiddeld door werknemers ongeveer vier uur per week thuisgewerkt, dat wordt meer. Onze verwachting is dat ook UTA-werknemers voor een deel blijven thuiswerken na de coronacrisis.

Goed werkgeverschap

Uit FNV|UTA onderzoek blijkt dat UTA werknemers het belangrijk vinden dat de werkgever zorgt voor goede afspraken en het thuiswerken faciliteert. Ook is voorlichting vanuit de werkgever van belang. Als dat zo is zijn werknemers in de regel meer tevreden over hun werkgever. Een werkgever heeft niet alle omstandigheden in de hand die maken dat thuiswerken positief wordt ervaren. Maar kan zoals duidelijk wordt in dit artikel een heleboel doen om het thuiswerkklimaat positief te beïnvloeden en bij te dragen aan goed werkgeverschap. Een thuiswerkvergoeding hoort daar bijvoorbeeld ook bij.

Gedeeltelijk thuiswerken

Uit het onderzoek van FNV|UTA blijkt dat bijna tweederde van onze respondenten na de coronacrisis thuis willen blijven werken. En ook gedeeltelijk thuiswerken kon op veel steun rekenen. Het verschilt wel per werknemer wat gewenst is qua aantal dagen thuiswerken. Van de respondenten gaf maar liefst 52 procent aan dat men in de toekomst twee dagen per week wil thuiswerken, en 30 procent heeft een voorkeur voor drie dagen per week. Ook viel op dat werkenden tijdens de coronacrisis veel ervaring opdeden met thuiswerken.

De redenen die zorgen voor de wens van thuiswerken lopen uiteen. Enkele voorbeelden zijn minder reizen naar kantoor, meer productiviteit, een flexibele dagindeling. Ook wordt benoemd dat thuiswerken voor een betere balans zorgt tussen werk en privé. Dat werknemers meer willen thuiswerken biedt werkgevers dus ook kansen om nieuw UTA personeel aan te trekken dat een voorkeur heeft om in deeltijd en/of flexibel thuis te werken.

Risico’s en kansen

In de afgelopen tijd zijn er veel onderzoeken gedaan naar thuiswerken en zowel de positieve als negatieve effecten daarvan belicht.

In het afgelopen jaar hebben veel van de UTA-medewerkers gezien dat die faciliteiten zijn verbeterd door inspanningen van zowel henzelf en/of de werkgever. Maar ook werd duidelijk dat de werkplek thuis niet vaak zo goed was als de werkplek op kantoor. Daar liggen dus nog kansen voor werkgevers om werkomstandigheden thuis te verbeteren. En als thuiswerken normaler wordt is het dus nodig dat de werkgever daar in voorziet.

UTA medewerkers ervaren soms productiviteitswinst bij het thuiswerken, waarbij zij de kanttekening plaatsen dat er voldaan moet worden aan een aantal randvoorwaarden. Deze randvoorwaarden zijn  goede ICT-faciliteiten  en een goede passende thuiswerkplek van groot belang. Dit komt overeen met wat in ander onderzoek wordt gevonden over factoren om productief thuis te werken. Werknemers waarderen een werkgever die de handschoen oppakt om oplossingen te vinden en met zijn werknemers een goed gesprek voert over solide voorwaarden.

Contact

Een groot gemis tijdens de coronacrisis is voor velen sociaal contact. Daar deelden ook de UTA-medewerkers in het onderzoek veel ervaringen over vanuit hun praktijk. Ook hier geven andere onderzoeken beperkingen aan van het thuiswerken. Er is echt minimaal face-to-face contact nodig voor een goede werkrelatie en dat is tijdens de coronacrisis soms moeilijk of niet realiseerbaar. Veel van de respondenten ervaren deze situatie als negatief, bijvoorbeeld als het gaat om meekrijgen wat er speelt op de werkvloer. Even bijpraten is er nauwelijks bij. Daarom geven zij aan dat een combinatie van kantooruren met thuiswerkdagen de meest ideale en gewenste situatie is.

Cao onderhandelingen

De resultaten van het onderzoek worden meegenomen in de komende onderhandelingen voor een betere Bouw & Infra cao. Het is duidelijk dat thuiswerken ook in de bouw veel kansen en mogelijkheden biedt. Volg de voortgang via onze nieuwsflits en website.

 

FNV|UTA doet 1x per kwartaal een uitvraag onder UTA medewerkers om te peilen hoe er wordt gedacht over actuele onderwerpen. Dat kan zijn over bijvoorbeeld digitalisering, werkdruk, arbeidstijden, thuiswerken. We zoeken UTA medewerkers die willen deelnemen aan ons FNV|UTA panel. Wil je meedoen? Geef je hieronder op!

Meld je aan het voor UTA-panel!

 

Je gegevens worden ruim een jaar opgeslagen om je in de toekomst op de hoogte te houden van ons aanbod. Door je aan te melden voor het UTA-panel stem je in met dat we je één keer per kwartaal een vragenlijst toesturen, over relevante onderwerpen voor jou als UTA'er (zoals werkdruk, thuiswerken en de cao).

Pas als je akkoord gaat met deze voorwaarden kun je dit formulier verzenden.


uitkomst thuiswerkenquete

Uitkomst enquête: Thuis werken bevalt goed en is ook na Corona gewenst 

FNV|UTA deed onderzoek naar de ervaringen en verwachtingen rondom thuis werken tijdens en na Corona. Een van de belangrijkste uitkomsten die uit het onderzoek naar voren komt is de wens van UTA-werknemers thuis te kunnen blijven werken, ook als Corona voorbij is. Want thuiswerken bevalt goed. 

De vragenlijst van FNV|UTA werd ingevuld door werknemers van zowel kleine, middelgrote, en grote bouwbedrijven. Van de UTA-respondenten, bestaande uit zowel leden als niet-leden, is 42 procent onder de 45 jaar. 45 procent is vrouw.

“Vanaf het begin van corona werken wij bij ons bedrijf allemaal thuis.” 

Bijna iedereen werkt nu thuis 

Sinds maart 2020 is thuiswerken door de corona het nieuwe normaal geworden. Veel  de UTA’ers werken thuis, zo blijkt uit het onderzoek. 10 procent van de respondenten werkt wel buitenshuis; op kantoor of op een werklocatie.

“Het bedrijf ziet dat thuiswerken voordelen heeft, niet alleen voor de werknemer, maar ook voor de werkgever. Idealiter krijgen wij de mogelijkheid om een voor een deel thuis te blijven werken.”

Na corona thuis blijven werken

Uit het onderzoek blijkt dat de meerderheid van de UTA-werknemers verwacht dat ze in de toekomst thuis blijven werken. Of dat er in ieder geval de mogelijkheid bestaat om dit gedeeltelijk te blijven doen. Dit is ook de wens van de werknemers, want het thuiswerken bevalt over het algemeen goed. 66 procent van de respondenten wil dat thuiswerken in de toekomst mogelijk blijft. De redenen hiervoor lopen uiteen. Enkele voorbeelden zijn minder reizen, meer productiviteit, een flexibele dagindeling, en efficiëntie. Ook wordt benoemd dat thuiswerken voor een betere balans zorgt tussen werk en privé.

Gedeeltelijk thuis blijven werken kan op veel steun rekenen. Maar liefst 52 procent van de respondenten wil in de toekomst twee dagen per week thuiswerken, en 30 procent heeft een voorkeur voor drie dagen per week.

Niet alleen maar voordelen

Meer dan drie dagen per week is volgens het onderzoek niet erg populair. Slechts 3,5 procent ziet dit zitten. Dat UTA-werknemers hun collega’s nauwelijks zien wordt genoemd als een  nadeel van het thuiswerken. Ook het gebrek aan contact op de werkvloer wordt genoemd.

In de onderzoekresultaten komt naar voren dat UTA-werknemers momenteel minder goed op de hoogte zijn van wat er speelt binnen de organisatie. Zichtbaar zijn is lastig, en de respondenten geven aan dat zij gedurende de dag de momenten missen waarop er informeel wordt bijgepraat met collega’s.

Thuiswerkfaciliteiten

Het is per organisatie wisselend hoe er met thuiswerkplekken wordt omgegaan. Bij 21 procent van de respondenten heeft de werkgever voor een goede thuiswerkplek gezorgd. “Mijn werkgever zorgde voor een goede plek door ICT-middelen, een bureau en een passende stoel,” vertelt een UTA-medewerker in het onderzoek.  In veel andere gevallen kwam de thuiswerkplek deels tot stand met hulp van de werkgever. Een van de respondenten gaf aan: “Een goede werkplek is belangrijk, maar ik heb dit helemaal zelf moeten verzorgen.”

In de praktijk is de thuiswerkplek helaas niet altijd gelijkwaardig aan de werkplek op kantoor, aldus 41 procent van de respondenten. 52 procent geeft aan dat de werkgever niet voor een goede thuiswerkplek zorgt. De groep die wel tevreden is over de werkplek is met 39 procent wat kleiner. Belangrijke voorwaarden voor een goede werkplek zijn goede werkomstandigheden, maar ook praktische voorzieningen. Deze zijn in de basis aanwezig, maar bijvoorbeeld een degelijk, verstelbaar bureau wordt door velen gemist.

“Het lijkt er nu op dat thuiswerken ook in de toekomst mogelijk blijft. Bij ons in de organisatie wordt er al over gesproken hoe we dat vorm geven.”

Nog geen thuiswerkvergoeding

De kans dat thuiswerken een structureel karakter krijgt is groot. Daarom is een thuiswerkvergoeding redelijk. Nu is die vergoeding voor veel werknemers (nog) niet aan de orde. 92 procent van de respondenten ontvangt deze niet, 8 procent wel. Deze laatste groep respondenten geeft aan dat het belangrijk is om de vergoeding kostendekkend te maken, omdat dat nu onvoldoende het geval is.

Cao onderhandelingen

De resultaten van het onderzoek worden meegenomen naar de komende onderhandelingen voor een betere Bouw & Infra cao.

FNV|UTA doet 1x per kwartaal een uitvraag onder UTA medewerkers om te peilen hoe er wordt gedacht over actuele onderwerpen. Dat kan zijn over bijvoorbeeld digitalisering, werkdruk, arbeidstijden, thuiswerken. We zoeken UTA medewerkers die willen deelnemen aan ons FNV|UTA panel. Wil je meedoen? Geef je hieronder op.

Meld je aan het voor UTA-panel!

 

Je gegevens worden ruim een jaar opgeslagen om je in de toekomst op de hoogte te houden van ons aanbod. Door je aan te melden voor het UTA-panel stem je in met dat we je één keer per kwartaal een vragenlijst toesturen, over relevante onderwerpen voor jou als UTA'er (zoals werkdruk, thuiswerken en de cao).

Pas als je akkoord gaat met deze voorwaarden kun je dit formulier verzenden.


thuiswerk enquete

Onderzoek: Thuiswerken na de corona-crisis

Het thuiswerken gaat waarschijnlijk veel langer duren dan velen aan het begin van de corona-crisis verwacht hadden. We zijn benieuwd naar jouw ervaringen en verwachtingen rond het werken vanuit huis. Via onderstaande link kom je bij een vragenlijst terecht, deze is bedoeld voor UTA-medewerkers die sinds de corona-crisis thuiswerken.

Het invullen van de vragenlijst duurt ongeveer vijf minuten en kan op je computer, telefoon of tablet. We stellen het op prijs wanneer je deze vragenlijst deelt met jouw collega's, die ook thuiswerken!

Klik hier om naar de vragenlijst te gaan en om mee te doen aan het onderzoek